Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen


Vertaling van Anbrechen, DE>NL

Enter Shift+Enter
Anbrechen das ~
aanbreken van de dag (ww.)

Anbrechen ww.
opheffen, beëindigen, afbreken, ontbinden, verbreken, forceren, verbrijzelen, stukmaken

Synoniemen
Toon alle 21 | Verberg
DE: Anfangen (das ~)
NL: beginnen (ww.), aanvangen (ww.), inzet (de ~ (m)), start (de ~ (m))...
DE: Abbrechen (das ~)
NL: annuleren (ww.), afbestellen (ww.), demontage (de ~ (v)), ontmantel...
DE: Aufmachen (das ~)
NL: openmaken (ww.), opendoen (ww.)
DE: Beenden (das ~)
NL: opheffen (ww.), beëindigen (ww.), opheffing (de ~ (v)), afkrijgen ...
DE: anfangen (ww.)
NL: voorstellen, introduceren, kennis laten maken, beginnen, starten, a...
DE: ausfasern (ww.)
NL: uitzoeken, ontrafelen, uitpluizen, ontwarren, uitrafelen, ontraadse...
DE: scheiden (ww.)
NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, scheiden, loskoppelen, uitspl...
DE: entfesseln (ww.)
NL: scheiden, detacheren, losmaken, loskrijgen, loswerken, opheffen, be...
DE: entwirren (ww.)
NL: oplossen, ontrafelen, ontwarren, ontknopen, ontraadselen, ontcijfer...
DE: entknoten (ww.)
NL: oplossen, ontrafelen, ontwarren, ontknopen, ontraadselen, uitzoeken...

Voorbeeldzinnen en gezegdes
DE: die Schüssel ist angebrochen NL: de schaal is gesprongen, heeft een barstje opgelopen
DE: bei anbrechendem Tage NL: bij het aanbreken van de dag




Zojuist vertaald

DE>NL: Anbrechen
DE>NL: Alter
DE>NL: jahr
DE>NL: All
DE>NL: Ahnung
DE>NL: Reifen
DE>NL: Reifen
DE>NL: Ansicht
DE>NL: Abzug
DE>NL: zeitraum
DE>NL: zeitraum
DE>NL: Abziehen
DE>NL: Abwertung
DE>NL: fressen
© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English