Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen
Synoniemen (Nederlands) (Zie ook Duits - Engels - Frans - Spaans, of bekijk de Antoniemen)



Synoniemen met een `V`

Pagina 21 van 87 Vorige 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 Volgende
Synoniemen beginnend met een A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

WoordSynoniem
verfoeilijk
afkeurenswaardig (bijv. naamw.)
onooglijk (bijv. naamw.)
schandalig (bijv. naamw.)
verachtelijk (bijv. naamw.)
afgrijselijk (bijv. naamw.)
lelijk (bijv. naamw.)
schandelijk (bijv. naamw.)
verfoeienswaardig (bijv. naamw.)
verfomfaaid
verkreukeld (overig.)
kreukelig (overig.)
verfraaien
flatteren (werkwoord)
opknappen (werkwoord)
opsieren (werkwoord)
optooien (werkwoord)
retoucheren (werkwoord)
versieren (werkwoord)
verluchten (werkwoord)
tooien (werkwoord)
optuigen (werkwoord)
opsmukken (werkwoord)
opschikken (werkwoord)
verhogen (werkwoord)
verheerlijken (werkwoord)
verfraaiing
versiering (zelfst. naamw.)
verfreiniger
peut (zelfst. naamw.)
verfrissen
laven (werkwoord)
opfrissen (werkwoord)
verkwikken (werkwoord)
verlevendigen (werkwoord)
verkoelen (werkwoord)
verfrissend
opfrissend (Bijvoeglijk naamwoord)
verkoelend (Bijvoeglijk naamwoord)
fris (bijv. naamw.)
verfrissing
lafenis (zelfst. naamw.)
verkwikking (zelfst. naamw.)
laving (zelfst. naamw.)
verfroller
kwast (zelfst. naamw.)
verfrommelen
verkreukelen (werkwoord)
kreukelen (werkwoord)
verfspuit
lakspuit (zelfst. naamw.)
vergaan
verrot (bijv. naamw.)
achteruitgaan (werkwoord)
bederven (werkwoord)
bezwijken (werkwoord)
instorten (werkwoord)
teruggaan (werkwoord)
verlopen (werkwoord)
verstrijken (werkwoord)
verteren (werkwoord)
vervallen (werkwoord)
wegrotten (werkwoord)
zinken (werkwoord)
verrotten (zelfst. naamw.)
tenondergaan (werkwoord)
overgaan (werkwoord)
overdrijven (werkwoord)
omkomen (werkwoord)
doorgaan (werkwoord)
aflopen (werkwoord)
afleggen (werkwoord)
rotten (werkwoord)
verwording (werkwoord)
ontbinding (werkwoord)
bederf (werkwoord)
slecht (werkwoord)
rottig (werkwoord)
rot (werkwoord)
bedorven (werkwoord)
verdrinken (werkwoord)
verkommeren (werkwoord)
ontbinden (werkwoord)
voorbijgaan (werkwoord)
vergaand
ingrijpend (Bijvoeglijk naamwoord)
verstrekkend (Bijvoeglijk naamwoord)
diepgaand (bijv. naamw.)
gevorderd (bijv. naamw.)
intensief (bijv. naamw.)
vergaanheid
verrotheid (zelfst. naamw.)
rotheid (zelfst. naamw.)
bedorvenheid (zelfst. naamw.)
vergaarbak
reservoir (zelfst. naamw.)
vergaderen
beraadslagen (werkwoord)
meenemen (werkwoord)
meebrengen (werkwoord)
medenemen (werkwoord)
medebrengen (werkwoord)
bijeenbrengen (werkwoord)
afhalen (werkwoord)
vergadering
assemblee (zelfst. naamw.)
bespreking (zelfst. naamw.)
samenkomst (zelfst. naamw.)
zitting (zelfst. naamw.)
manifestatie (zelfst. naamw.)
bijeenkomst (zelfst. naamw.)
verzameling (zelfst. naamw.)
vergadering (overig.)
conferentie (overig.)
vergaderingen
besprekingen (zelfst. naamw.)
vergallen
verpesten (Werkwoord)
bederven (werkwoord)
verknoeien (werkwoord)
vergankelijk
eindig (bijv. naamw.)
tijdelijk (bijv. naamw.)
vluchtig (bijv. naamw.)
voorbijgaand (bijv. naamw.)
vergankelijkheid
fragiliteit (zelfst. naamw.)
vluchtigheid (zelfst. naamw.)
vergaren
verzamelen (Werkwoord)
bijeenbrengen (werkwoord)
bijeenzamelen (werkwoord)
bijeenzoeken (werkwoord)
inzamelen (werkwoord)
oogsten (werkwoord)
graanschuur (werkwoord)
sparen (werkwoord)
oppotten (werkwoord)
opeenhopen (werkwoord)
vergasten
onthalen (werkwoord)
vrijhouden (werkwoord)
trakteren (werkwoord)
ontvangen (werkwoord)
binnenhalen (werkwoord)
vergeeflijk
verschoonbaar (bijv. naamw.)
vergeefs
zinloos (Bijvoeglijk naamwoord)
vruchteloos (Bijvoeglijk naamwoord)
hopeloos (bijv. naamw.)
tevergeefs (bijv. naamw.)
voor niets (bijv. naamw.)
zonresultaat (bijv. naamw.)
nutteloos (bijv. naamw.)
ijdel (bijv. naamw.)
vergeetachtig
verstrooid (overig.)
vergeetachtigheid
vergetelheid (zelfst. naamw.)
vergegeven
doorgegeven (overig.)
vergel
wreker (overig.)
vergelden
lonen (werkwoord)
wreken (werkwoord)
beantwoorden (werkwoord)
vergelding
genoegdoening (zelfst. naamw.)
represaille (zelfst. naamw.)
straf (zelfst. naamw.)
vergeldingsmaatreg
represaille (overig.)
vergeleken
vergelijken (werkwoord)
vergelend
tanend (overig.)
vergelijk
compromis (zelfst. naamw.)
regeling (zelfst. naamw.)
vereffening (zelfst. naamw.)
schikking (zelfst. naamw.)
akkoord (zelfst. naamw.)

Vorige 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 Volgende


© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English