Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen
Synoniemen (Nederlands) (Zie ook Duits - Engels - Frans - Spaans, of bekijk de Antoniemen)



Synoniemen met een `R`

Pagina 10 van 30 Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 Volgende
Synoniemen beginnend met een A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

WoordSynoniem
referendaris
administrateur (zelfst. naamw.)
referendum
volksstemming (zelfst. naamw.)
volksraadpleging (zelfst. naamw.)
referent
verslaggever (zelfst. naamw.)
reporter (zelfst. naamw.)
rapporteur (zelfst. naamw.)
journalist (zelfst. naamw.)
correspondent (zelfst. naamw.)
commentator (zelfst. naamw.)
berichtgever (zelfst. naamw.)
referentie
aanbeveling (zelfst. naamw.)
getuigschrift (zelfst. naamw.)
verwijzing (zelfst. naamw.)
recommandatie (zelfst. naamw.)
aanprijzing (zelfst. naamw.)
melding (zelfst. naamw.)
refereren
verwijzen (werkwoord)
reflectant
belanghebbende (zelfst. naamw.)
reflecteren
beschouwen (werkwoord)
terugkaatsen (werkwoord)
weerspiegelen (werkwoord)
weerkaatsen (werkwoord)
terugstoten (werkwoord)
stuiten (werkwoord)
echoën (werkwoord)
reflectie
beschouwing (zelfst. naamw.)
gloed (zelfst. naamw.)
terugkaatsing (zelfst. naamw.)
weerspiegeling (zelfst. naamw.)
weerschijn (zelfst. naamw.)
weerkaatsing (zelfst. naamw.)
spiegeling (zelfst. naamw.)
reflex
reactie (zelfst. naamw.)
prikkelreactie (zelfst. naamw.)
reflexief
wederkerend (overig.)
reflux
terugvloeiing (zelfst. naamw.)
reformateur
hervormer (overig.)
reformatie
hervorming (zelfst. naamw.)
reformeren
hervormen (werkwoord)
herzien (werkwoord)
reformvoeding
natuurvoeding (zelfst. naamw.)
refractair
ongevoelig (bijv. naamw.)
refrein
keerrijm (overig.)
refter
mensa (overig.)
refugié
vluchteling (zelfst. naamw.)
reg
schriftlijn (overig.)
wet (overig.)
voorschrift (overig.)
reglement (overig.)
regeling (overig.)
orde (overig.)
regatta
roeiwedstrijd (zelfst. naamw.)
regel
gewoonte (zelfst. naamw.)
lijn (zelfst. naamw.)
richtsnoer (zelfst. naamw.)
schriftlijn (zelfst. naamw.)
voorschrift (zelfst. naamw.)
zin (zelfst. naamw.)
richtlijn (zelfst. naamw.)
regelaar
afstemknop (zelfst. naamw.)
regulator (zelfst. naamw.)
regulateur (zelfst. naamw.)
regelknop (zelfst. naamw.)
regelafstand
interlinie (zelfst. naamw.)
regelbaar
afstelbaar (bijv. naamw.)
verstelbaar (bijv. naamw.)
regelen
organiseren (Werkwoord)
afgesproken (werkwoord)
afspreken (werkwoord)
afstemmen (werkwoord)
arrangeren (werkwoord)
bepalen (werkwoord)
ordenen (werkwoord)
ritselen (werkwoord)
schikken (werkwoord)
inregelen (zelfst. naamw.)
aanrichten (werkwoord)
bijstellen (werkwoord)
afstellen (werkwoord)
instellen (werkwoord)
klaren (werkwoord)
afdoen (werkwoord)
bedisselen (werkwoord)
ensceneren (overig.)
regelend
regulatief (overig.)
regelgeving
wetgeving (zelfst. naamw.)
regularisatie (overig.)
regeling
afspraak (zelfst. naamw.)
akkoord (zelfst. naamw.)
arrangement (zelfst. naamw.)
maatregel (zelfst. naamw.)
ordening (zelfst. naamw.)
overeenkomst (zelfst. naamw.)
schaderegeling (zelfst. naamw.)
schikking (zelfst. naamw.)
vereffening (zelfst. naamw.)
vergelijk (zelfst. naamw.)
voorschrift (zelfst. naamw.)
wet (zelfst. naamw.)
reglement (zelfst. naamw.)
reg (zelfst. naamw.)
orde (zelfst. naamw.)
regelknop
regulator (overig.)
regulateur (overig.)
regelaar (overig.)
afstemknop (overig.)
regelloosheid
zootje (zelfst. naamw.)
wanordelijkheid (zelfst. naamw.)
wanorde (zelfst. naamw.)
puinhoop (zelfst. naamw.)
keet (zelfst. naamw.)
heksenket (zelfst. naamw.)
chaos (zelfst. naamw.)
regelmaat
orde (zelfst. naamw.)
regelmatig
herhaaldelijk (Bijvoeglijk naamwoord)
dikwijls (bijv. naamw.)
normaal (bijv. naamw.)
regulier (bijv. naamw.)
vaak (bijv. naamw.)
vast (bijv. naamw.)
veelvuldig (bijv. naamw.)
gelijkmatig (bijv. naamw.)
geregeld (bijv. naamw.)
menigmaal (bijv. naamw.)
meermaals (bijv. naamw.)
frequent (bijv. naamw.)
regelneef
bemoeial (Zelfst. Naamw.)
regelrecht
rechtstreeks (Bijvoeglijk naamwoord)
zonder tijdverlies (Bijvoeglijk naamwoord)
zonder omwegen (Bijvoeglijk naamwoord)
direct (overig.)
duidelijk (overig.)
ronduit (overig.)
puur (overig.)
klinkklaar (overig.)
gewoonweg (overig.)
regels
code (zelfst. naamw.)
regelschroef
stelschroef (zelfst. naamw.)
regen
bui (zelfst. naamw.)
hemelwater (zelfst. naamw.)
neerslag (zelfst. naamw.)
regenachtig
buiig (bijv. naamw.)
druilerig (bijv. naamw.)
miezerig (bijv. naamw.)
nat (bijv. naamw.)
regenbak
regenton (overig.)
waterreservoir (overig.)
tank (overig.)
regenboogvliesontsteking
iritis (zelfst. naamw.)

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 Volgende


© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English