Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen
Synoniemen (Nederlands) (Zie ook Duits - Engels - Frans - Spaans, of bekijk de Antoniemen)



Synoniemen met een `O`

Pagina 2 van 72 Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Volgende
Synoniemen beginnend met een A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

WoordSynoniem
octrooi
patent (zelfst. naamw.)
oculist
oogarts (zelfst. naamw.)
ode
lofdicht (Zelfst. Naamw.)
gedicht (zelfst. naamw.)
eerbetoon (zelfst. naamw.)
odeur
geur (zelfst. naamw.)
parfum (zelfst. naamw.)
reukwater (zelfst. naamw.)
geurwater (zelfst. naamw.)
odor
reukzin (zelfst. naamw.)
odyssee
reis (zelfst. naamw.)
oedeem
waterzucht (zelfst. naamw.)
oef
oei (bijv. naamw.)
oefenen
ontwikkelen (werkwoord)
praktiseren (werkwoord)
repeteren (werkwoord)
trainen (werkwoord)
maken (werkwoord)
herhalen (werkwoord)
harden (werkwoord)
coachen (werkwoord)
bekwamen (werkwoord)
oefening
opgave (zelfst. naamw.)
training (zelfst. naamw.)
vaardigheidsoefening (zelfst. naamw.)
scholing (zelfst. naamw.)
opleiding (zelfst. naamw.)
africhting (zelfst. naamw.)
oefenmeester
coach (zelfst. naamw.)
instructeur (zelfst. naamw.)
trainer (zelfst. naamw.)
oplei (zelfst. naamw.)
leermeester (zelfst. naamw.)
repetitor (zelfst. naamw.)
huisleraar (zelfst. naamw.)
oefenplaats
strijdtoneel (overig.)
speelplaats (overig.)
oefenstuk
studie (zelfst. naamw.)
stu (zelfst. naamw.)
oehoe
uil (zelfst. naamw.)
oei
oef (bijv. naamw.)
oekaze
decreet (zelfst. naamw.)
oen
domoor (zelfst. naamw.)
onnozelaar (zelfst. naamw.)
sufferd (zelfst. naamw.)
sul (zelfst. naamw.)
schaapskop (zelfst. naamw.)
druiloor (zelfst. naamw.)
sukkel (zelfst. naamw.)
stommerd (zelfst. naamw.)
schapenkop (zelfst. naamw.)
rund (zelfst. naamw.)
onnozele (zelfst. naamw.)
idioot (zelfst. naamw.)
oenen
sullen (zelfst. naamw.)
sufferds (zelfst. naamw.)
druiloren (zelfst. naamw.)
oenig
dom (overig.)
oer
tijd (bijv. naamw.)
heerg (bijv. naamw.)
oerbeeld
archetype (zelfst. naamw.)
oerbos
oerwoud (zelfst. naamw.)
oerdom
oliedom (overig.)
oerlelijk
monsterlijk (bijv. naamw.)
foeilelijk (bijv. naamw.)
afzichtelijk (bijv. naamw.)
oermoe
stammoe (overig.)
oermoeder
stammoeder (zelfst. naamw.)
oeroud
grijs (bijv. naamw.)
oersterk
ijzersterk (bijv. naamw.)
oervaders
stamvaders (overig.)
oervorm
archetype (zelfst. naamw.)
oerwoud
jungle (Zelfst. Naamw.)
regenwoud (Zelfst. Naamw.)
bos (zelfst. naamw.)
rimboe (zelfst. naamw.)
oerwouden
rimboes (overig.)
jungles (overig.)
oeuvre
werk (overig.)
verzamelwerken (overig.)
oever
kade (zelfst. naamw.)
oeverloos
eindeloos (overig.)
oeverriet
riet (zelfst. naamw.)
rotan (zelfst. naamw.)
rietsteng (zelfst. naamw.)
oevers
wallen (zelfst. naamw.)
of
al (overig.)
alsof (overig.)
ofwel (overig.)
offensief
aanvallend (bijv. naamw.)
agressief (bijv. naamw.)
aanval (zelfst. naamw.)
bestorming (zelfst. naamw.)
stormloop (zelfst. naamw.)
stormaanval (zelfst. naamw.)
run (zelfst. naamw.)
attaque (zelfst. naamw.)
offer
offerande (zelfst. naamw.)
opoffering (zelfst. naamw.)
slachtoffer (zelfst. naamw.)
offerande
offer (zelfst. naamw.)
plengoffer (zelfst. naamw.)
slachtoffer (zelfst. naamw.)
opoffering (zelfst. naamw.)
offering (zelfst. naamw.)
offerblok
offerbus (overig.)
offerbroodje
hostie (overig.)
offerbus
offerblok (overig.)
offeren
opofferen (Werkwoord)
afstaan (werkwoord)
betalen (werkwoord)
geven (werkwoord)
Offeren
Sacrificeren (werkwoord)
offeren
slachting (werkwoord)
bloedbad (werkwoord)
offering
opoffering (zelfst. naamw.)
offerande (overig.)
offerte
aanbieding (zelfst. naamw.)
aanbod (zelfst. naamw.)
prijsopgave (zelfst. naamw.)
offervaardig
liefdadig (bijv. naamw.)
offficieel
ambtshalve (overig.)
officieel
ambtelijk (bijv. naamw.)
echt (bijv. naamw.)
vormelijk (bijv. naamw.)
formeel (bijv. naamw.)
officier
stafmedewerker (zelfst. naamw.)
functionaris (zelfst. naamw.)
officiestuk
akte (overig.)
officieus
onofficieel (bijv. naamw.)
zijdelings (bijv. naamw.)
informeel (bijv. naamw.)
offreren
aanbieden (werkwoord)
aangeboden (werkwoord)
presenteren (werkwoord)
voorleggen (werkwoord)
tonen (werkwoord)
ofschoon
alhoewel (bijv. naamw.)
al (bijv. naamw.)
hoewel (bijv. naamw.)
oftewel
verklarend (bijv. naamw.)
tegenstelling (zelfst. naamw.)
ofwel
of (Voegwoord)
ogen
beogen (werkwoord)
eruitzien (werkwoord)
kijken naar (werkwoord)
staan (werkwoord)
kijkers (werkwoord)

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Volgende


© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English