Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen
Synoniemen (Nederlands) (Zie ook Duits - Engels - Frans - Spaans, of bekijk de Antoniemen)



Synoniemen met een `A`

Pagina 8 van 59 Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 Volgende
Synoniemen beginnend met een A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

WoordSynoniem
aankondigen
aanstippen (werkwoord)
melden (werkwoord)
verwittigen (werkwoord)
meedelen (werkwoord)
mededelen (werkwoord)
kond doen (werkwoord)
kennisgeven (werkwoord)
informeren (werkwoord)
aankondiger
voorbode (zelfst. naamw.)
voorteken (zelfst. naamw.)
voorloper (zelfst. naamw.)
voorbo (zelfst. naamw.)
aanwijzing (zelfst. naamw.)
aankondiging
advertentie (zelfst. naamw.)
afkondiging (zelfst. naamw.)
bericht (zelfst. naamw.)
introductie (zelfst. naamw.)
kennisgeving (zelfst. naamw.)
proclamatie (zelfst. naamw.)
prospectus (zelfst. naamw.)
melding (zelfst. naamw.)
annoncering (zelfst. naamw.)
annonceren (zelfst. naamw.)
annonce (zelfst. naamw.)
adverteren (zelfst. naamw.)
verkondiging (zelfst. naamw.)
mededeling (zelfst. naamw.)
bekendmaking (zelfst. naamw.)
aankoop
aanschaf (zelfst. naamw.)
aanwinst (zelfst. naamw.)
acquisitie (zelfst. naamw.)
afname (zelfst. naamw.)
boodschap (zelfst. naamw.)
inkoop (zelfst. naamw.)
kocht (zelfst. naamw.)
koop (zelfst. naamw.)
kopen (zelfst. naamw.)
verkrijging (zelfst. naamw.)
verwerving (zelfst. naamw.)
aangekochte (zelfst. naamw.)
aankoopprijs
koopprijs (zelfst. naamw.)
aankopen
aanschaffen (werkwoord)
kocht (werkwoord)
kopen (werkwoord)
verkregen (werkwoord)
verkrijgen (werkwoord)
verwerven (werkwoord)
overnemen (werkwoord)
inkopen (werkwoord)
afnemen (werkwoord)
aankoper
koper (zelfst. naamw.)
aankoppelen
aanhaken (werkwoord)
aanhangen (werkwoord)
vastkoppelen (werkwoord)
vasthaken (werkwoord)
aankruisen
merken (werkwoord)
afvinken (zelfst. naamw.)
aanstrepen (zelfst. naamw.)
aankunnen
aanpassen (werkwoord)
afkunnen (werkwoord)
aankweek
voortplanting (overig.)
voortbrenging (overig.)
verbouw (overig.)
teelt (overig.)
reproductie (overig.)
kweken (overig.)
fokkerij (overig.)
fok (overig.)
cultuur (overig.)
aanplant (overig.)
aankweken (overig.)
aanfok (overig.)
aankweken
fokken (werkwoord)
voortbrengen (werkwoord)
verbouwen (werkwoord)
telen (werkwoord)
procreëren (werkwoord)
planten (werkwoord)
opkweken (werkwoord)
kweken (werkwoord)
genereren (werkwoord)
aanplanten (werkwoord)
voortplanting (werkwoord)
voortbrenging (werkwoord)
verbouw (werkwoord)
teelt (werkwoord)
reproductie (werkwoord)
fokkerij (werkwoord)
fok (werkwoord)
cultuur (werkwoord)
aanplant (werkwoord)
aankweek (werkwoord)
aanfok (werkwoord)
aanlanden
uitlopen (werkwoord)
uitgaan (werkwoord)
terechtkomen (werkwoord)
ophouden (werkwoord)
eindigen (werkwoord)
arriveren (werkwoord)
aflopen (werkwoord)
aankomen (werkwoord)
aanbelanden (werkwoord)
aanleg
begaafdheid (zelfst. naamw.)
bouw (zelfst. naamw.)
geneigdheid (zelfst. naamw.)
neiging (zelfst. naamw.)
talent (zelfst. naamw.)
vatbaarheid (zelfst. naamw.)
dispositie (zelfst. naamw.)
vernuft (zelfst. naamw.)
scherpzinnigheid (zelfst. naamw.)
kundigheid (zelfst. naamw.)
knobb (zelfst. naamw.)
gave (zelfst. naamw.)
capaciteit (zelfst. naamw.)
bekwaamheid (zelfst. naamw.)
vermogens (zelfst. naamw.)
vermogen (zelfst. naamw.)
geldmiddelen (zelfst. naamw.)
aanleggen
aandoen (werkwoord)
afmeren (werkwoord)
bouwen (werkwoord)
inrichten (werkwoord)
richten (werkwoord)
vastmeren (werkwoord)
plaatsen (werkwoord)
installeren (werkwoord)
aanbrengen (werkwoord)
vastmaken (werkwoord)
vastleggen (werkwoord)
vastbinden (werkwoord)
meren (werkwoord)
aanmeren (werkwoord)
aanlegplaats
aanlegsteiger (zelfst. naamw.)
kade (zelfst. naamw.)
ligplaats (zelfst. naamw.)
steiger (zelfst. naamw.)
afmeerboei (zelfst. naamw.)
ankerplaats (zelfst. naamw.)
haven (zelfst. naamw.)
meerpaal (zelfst. naamw.)
oprit (zelfst. naamw.)
aankomst (zelfst. naamw.)
aanlegsteiger
aanlegplaats (zelfst. naamw.)
steiger (zelfst. naamw.)
ligplaats (zelfst. naamw.)

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 Volgende


© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English