westfries dialect

westfries wordt gesproken in Westfriesland (NH)

Dialecten > Noord-Holland > westfries
Het dialectenwoordenboek westfries bevat 218 gezegden, 3314 woorden en 12 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers. Als iets niet klopt of ontbreekt kun je het zelf toevoegen of wijzigen. Log in of meld je daarvoor aan in de rechterkolom.

218 gezegden

't gaat super!'t gaat mònster!
't is niet bepaald af....allegaar skeef en beroerd.
aan het eind van je latijn zijnaan het labbere end zijn
afzien van reanimerenwat dôod is, dôod laite
Als een bok op een haverkistAs 'n kraai op 'n kreng
als iets beschimmeld is't weer zit erin
Altijd goed, hoor!Voor nou en naggeres!
anverdan'n mooi sjouwtje
Bekijk het niet zo zwart-wit!Tussen dut en dat is ôk nag wat!
Commentaar opLang heer en luize!
Daar geloof ik geen barst van!Je liege dat je groen en géél ziene.
daar hoor ik van op!deer wup ik van op!
daar hou ik helemaal niet vandeer ben 'k niks op stoven
dat geloof ik niet.je líege dènk?
Dat ging niet goed..Slecht reiden...
dat heb ik je toch gezegd!hew ik ut niet soid
dat is wel heel ergdas ok hilsverskrikkeluk
dat is zeker waarGrôte Gert soit 't en Moindert ok
Dat komt later welDat komt deermee
Dat meisje heeft hoogwater (als je lange broek te kort of boven enkels was) .Dat moidje het hoogwater
Dat moe van jou valt wel meeLouf ken lang an
dat was te verwachten, (negatief bedoeld) kejje begroipe.
de bloemetjes buiten gezet?an de reet weest?
De overmacht is (te) grootAs water brandt, brandt alles
die gaat volledig zijn eigen gangdie het met jou nôdig hillegaar nìks!
Die is dikNoh joh, die het ok puur zukke poate onder de pisbak
die is wel erg domdom as een deur
Die kan niet met geld omgaanDie smeert de Brei uit over het Tapijt
Die pronkt zijn met status/rijkdomDie het puur staanuit
Dit gaat me te ver!'t Kin te gek ôk!
doe 's rustig!je kenne bedare!
doe maar, ga je gang!dàt deed ik.
Donkere regenwolkenEen skip met zure appele
Door de zure appel heenbijtenBeter ien keer poin as allemaar jeuk
een boterham zo zuinig smeren dat de kanten niet bedekt zijn.Met drouge biene op de kant loupe.
een grote hoeveelheid (bv. er wonen veel de Witten in Hoogkarspel) as heer op 'n hond (puur zo veul de witjes in Hougkarspel, as heer op 'n hond!)
een heel donkere luchtdie lucht die koikt asof ie katte spaaie wil
een mooi stel!jut en juul
een uiltje knappende sleip effies deur je heen gaan leite
een vergeefts reis gemaakt'n dotrois had
ergens opgewonden/zenuwachtig voor zijnop jacht weze
even wat anders aantrekkenefkes wat aars anskiete
Flink aan de borrel geweestHet je weer met je reet omhoug sleipen?
Flinke borstenFlink end hout foar de doar
Gaat goed zo!Moôi zitte, dom koike!
gaat het nog gebeuren of hoe zit het?hoe denke je d'r over?
Geiten zijn een ramp!Al wul je lere vloeke, neem den goite!
Gezegd als iemand op hoge leeftijd is overleden.De baker had er gien skuld an.
gezegd over een magere man'n goeie haan die is niet vet
gezegd over liefdeslevenwie vroit die sloit, maar wie vroit mit zin die groeit 'r teugenin
Gezegd over roodharigenRoôie vale binne donderstrale!
Gezegd over scheelkijkersSkêle benne de mooiste niet, en mooie skêle benne der niet!
Gotsamme!Gotssame 'n skeip geve!
Haastige spoed is zelden goedEffies gauw, gauw is an de skeet sturven!
heb je het te hoog in je bolnoh maid het je het in je broeks skoit
heb je het te hoog in je bolnoh meid het je het in je broeks skoit
Heb je nog konijnvoer?Trien, hew je nag kneinevoer?
Heel hard regenen't spoelt / klapt van water
Helemaal op schemaSkoôn voor weze!
het gaat super't gaat skoftig
Het ging zeer snelIn toid van ja en nei
het interesseert me niet't skilt me gien bos wortele
Het is warm en broeierigLoeker weertje niet
Het kan/ past maar netKrappe sokken
het sneeuwt heel veeleen dikke sneijacht
het waait heel erg hardik waai uut mien letste verskóoning
het zal wel, ik geloof 'r niks van, ja ja...'t moet nôdig zo weze
Hij geeft geen krimp, doet 'm heel weinig!Die ken 't heit douge
Hij geeft geen krimp, het doet hem heel weinigDie trekt gien zout
Hij heeft nog een meisje buiten de deurHai het nog 'n ket in de boet
Hij is niet vrijgevigHai heb 't niet an z'n geefklier
Hij/zij is even wegHij/zij is ut land uit
hoge schulden hebbenzweer zitte
hopelijkeffies gauw gauw is an de skeet sturven
Hou nou 's op met dat gepush!Weet je, je moste kippe gaan houwe, kejje deer achteran te jage.
Hou rekening met eventuele tegenvallers..as je rekene op roze, draait 't in de regel uit op peerdebloeme
Iemand afzette, teveel laten betalenIentje oflègge
iemand die dronken ishij heeft een sneetje in z'n oor
iemand die jankt om niksjankziel, jankbuil, jankert
iemand die niet te vertrouwen isdunne hond
iemand die te veel drinktdie lust 't as de poes melk
Iemand die wel erg traag isDie het de toid, die komt van Hoorn..
iemand in de gaten houdeniemand op het snotje hebben
iets graag willenerregus stroid van hewwe
ik ben doodmoeik ben meer as louf
Ik ben doodmoe!Ik bin stek of!
Ik ben er helemaal klaar mee!Ik bin d'r dik mee an!
Ik ben moe'k Heb 't end in de bek
ik ben moeik hei loafe passies
Ik ben zo ongerust!Ik ois m'n doôd!
Ik heb 't helemaal gehad!Ik bin d'r doôd (gruwelijk) mee an
ik heb je heus wel door.ik het jou al lang op skot
ik kan nou eenmaal niet 2 dingen tegelijk.ik ken niet hèkse!
Ik mis mijn leeftijdsgenoten op de kermisIk gane niet meer te kermis, 't is allienig maar zeuveuursgoed
In de gatenOp skot
in de gaten houdenin de smieze houwe
ja maar als........as is verbrande turf!
jammerte bot
Je durft wel hoorJe benne me d'r ien
je gulp staat openje knoine loupe los
je haar is in de warje heer is in de tist
je verbazing uitdrukkenKerel in de mast
Je zou toch denken....Je zoue meist miene.....
jeetje wat een kleine portieeen prakkie van een zieke kip
Jesus wàt lekker!Je kenne je hemd erin verteren
jij snapt het!jai pikke de keutel.
jullie zijn een stelletje etterbuilen!krenge van joos dat jullie benne!
Kiezen of delenJe kinne an de kat of an de keis
Kiezen of delenJe kinne an de meister of an de dokter
Kinderen uit een tweede relatieTweide leg
Koud? Hoezo koud?Wie koud is is lui!
Kraamvisitepoppie koiken
Krijg de typhusze moste je doôdskoppe!
maak dát de kat wijs!je kenne 't mooi vertelle
maak je gezicht schoonmaak je toet skoon
Maak je niet druk, het pakt altijd anders uit dan je denkt.Tob niet, 't komt toch aars!
mamma's grootste verjaardagswenszoete joossies
melding van de geboorte van een baby in je gezinpoppie kocht
met 1 voet door het ijs gezaktklispoot had, natsoik
Met het een, komt vaak het anderWeer kikkers binne, binne ooievaars
met iemand naar bed geweest zijnan de rol weest
met lange tanden etenkauwe as 'n aap op knikkers
mij is een andere mening toegedaan over die gastdie most 'n pik hooi luste
modder aan mijn laarzenprut an je leerze
moet dat echt nú?de lucht hangt nog vol met dagen
moet dat echt nú?moet dat op stel en sprong?
mooi zitten, dom kijken en overal van opkijkenmoi anzitte, dom kaike en overal bar van ophore
mooie vrouw met weing inhoudhuisie zonders meubels
Naar een toneelvoorstelling gaan.Te teneêle
Naar huis toe gaanpadje inkorte
Netjes gekleed (om uit te gaan ) Pikt en dreven
Niet getreurd als de verkering uit is.Gien hand vol, maar 'n land vol!
Niet op 'n hoek en een kant staan vozen!Gien Haarlemmerdaikies!
niet te moeilijk doenniet te bestrukkerig
Nog voor het huwelijk zwanger rakenZe heb de aker in de bak valle late
nou ja! (uitroep) suks nou maar weer!
O, o, wat hebben die een lol!skik had, broek nat.
oef!dat komt nag bèst of! da's bèst ofkommen!
okee, dat zal ik doenden doene we dat
onder de middag overblijven op schoolop broôd gaan
onnodig de confrontatie aangaan, op ramkoers liggede hel opbouwen.
Onzin vertellenJe prate as ien kip zonder kop
Onzin vertellenTeute as 'n jonge moid
ook zelf eens een rondje geven hoor!niet op skuiffies laupe
op andermans kosten in 't café hangenop skuiffies laupe
op een afgelegen plaatsop een achteroffie
op een gegeven ogenblikop 'n end
Op een zogenaamd gemengd huwelijk kan geen zegen rustenTwei gelouve op ien kusse, deer sleipt de duvel tusse
Op kraamvisite gaanMet de teertendoos op stap gaan
over hem hoef je je geen zorgen te makendie? die vund z'n kaai
overdreven zoet, veeels te zoet't is malzoet
Overmoedig door drankgebruikRoik en sterk!
Pathologische luiaardLoof ken lang ân
Precies in je straatjeIn de kikker zijn bek
reactie op de vermeende verwendheid van de huidige generatie't most weer us oorlog worre
recht voor zijn raap pratenstugge zegger
regelmatig er op uit (uitje) aldermetteres uitverdan
relativerende opmerkingas der hier of deer maar un lampie brand
rijkeluiswens (een zoon en een dochter ) 'n steltje op de kast.
rustig aan doenkoeter de koet
schone kleren voor na het werkverskòondersgoed, opknappersgoed
sinterklaas aan het vierenan 't sunterklaze
smerig op de rugkladdig op de reg
Sonja Bakkeren eenvoudig uitgelegdEet brod met kais, gien kais met brod!
Spelen met je etenPrieken
stampen uit pure woede of onmachtstampe as 'n kwaad skaip
Sterke kleine manPoestug manje
StomdronkenBlauw as potloôd
Tekeer gaanSkreeuwe en angaan!
tjonge-jongegort gort!
tjonge-jongetjoe
Trouwen is je schoonouders spekkenTrouwe is voer zoeke voor een aar z'n goit.
tussen hen komt het niet meer goeddat pôot is stik
twee en een halfien en 'n aref
urineren (buiten) de goit verzette
van slag zijnvan de rel wezen
van toeten nog blazen wetenhoed nag blaize, ook wel: toete nag de rand
van vrijen wordt je magerwie vroit die sloit
Verkering hebbenKnoeierij hebben
vol van het etendik en don
vreemd in de klerenje benne raar in de dos
Vrienden er met elkaar er op uiteffe n nessie leeghalen
Vroeg op zijn, vroeg aan het werk zijnVroeg op gat weze
Waar die nou weer uithangt....die is te kermis.
waar heb je dat op de koop getikt?weer hejje dàt opdein?
waar het gezellig is daar is bier.weer't vrolek is deer is pils.
Waar twee kijven, twee schuld.Twei klamme, twei skuld!
Waardeloos persoon'T doodskoppe niet weerd
wat een haast!moet je met de Hoornse boot mee?
Wat een ongelofelijke kniert!Die? Die skoit niet voor elleven
wat een stelletje sjacherijnenminse benne lauf
Wàt een vreemde vogelwat 'n portret
wat hij doet dat skilt main gien iene zak pisal skait ie op de rand vamme bord, ast 'r maar niet inkomt
wat hij doet interesseert me geen ene zak pisAl skait ie op de rand vamme bord, as't 'r maar niet in komt
Wat loop jij erbij!je steke d'rin as 'n boneskouf
wat was jij van plan?wat het jai int snotje?
wat zie je er slecht uitje ziene deruit as un pislap
We doen kalm aanWe doene koeterdekoet
We moesten maar eens gaan!We moste oôs padje maares inkorte!
weggaanan de reet gaan
weggooienachter de boet gooien
witte kool uit de langedijklangedoiker
Ze gaan eropuit (ook gezegd van kinderen die het huis uitgaan ) Ze gane de woid uit
ze gingen achter elkaar naar de verdommenisze gonge kat nei kat naar de ratsmodee
Ze kunnen het goed vinden met elkaarZe kinne ut pittug rooie mit mekaar
ze zijn getrouwd en hebben kinderen.ze benne trouwd en dain
Ze zijn katholiekZe binne van 't houtje
zeer gelovigzo foin as poppestrond
Zeer goed gekleed gaanvoor de kraam om kenne
zeer moe zijnmeer as loof weze
zeer slecht geslapen hebben'n kolnacht had
zeg, doe 's effe relaxed man!de wereld is niet ràzend!
zeg, doe 's effe relaxed man!hoe wild is de wereld aigeluk?
zeg, doe 's effe relaxed man!je kenne bedare docht ik zo.
Zegt iemand die nooit in de kerk komtKweet geniesen of ie vurft is of teert.
zij (derde persoon meervoud) hunnie of zullie
zij heeft flinke borsten't is vol in 't bloesie
Zo moet het maarZachies late zitte en hard bij weglope

3314 woorden

(het) gebeurd (persoonsvorm) beurt
(het) gebeurt = persoonsvormbeurt
(na) denkenprakkeseren
(stoere) binkmansert, manse aap
(tuin) aardeprut
'n opschepper"haai komt van Groôtebroek" of "Streker"
's avondsseives
's ochtendssoches
's vrijdagsvroides
's woensdagswoenesdes
's zondagszundes
't westeinde't westend
(aardbeien)vergiet(erebaaie)gatemetiel
1ien
1 hectarebunder
1/2de halft
17zeuventien
2 twei
20twuntig
200tweihonderd
2000tweiduzend
21ienentwuntig
22tweientwuntig
23drièentwuntig
24vierentwuntig
25voifentwuntig
26zesuntwuntig
27zeuvenentwuntig
28achtentwuntig
29negentwuntig
2e hands kledingarmeluiskloffie
4vier
40jaar (bijna) slappe veertiger
5voif
50voiftig
55voifenvoiftig
7zeuven
77zeuvenenzeuventig
80tachentig
9negen

A

aaantrekkenontrukken
aagjeaagie
aalbesallèbès
aalbessestruikallebèsseboum
aalfuikeêlfuk
aanan
aan elkaaran mekààr
aan houden om hem te sprekenanpunte
aan kantbedein
aan nemenanneme
aan potenanpouke
aan trekkenanhale
aanaardenaneerde
aanazenàneize
aandragerandreiger
aandringenanstaan
aangaananbelange
aangedraaidandraaid
aangezichtsnufferd
aanhaligeêlsk
aanhangselstruultje
aanhangwagenanningwage
aanhangwagenkros
aanhankelijksels
aanhechtenanhefte
aanhoudenannagele
aanhoudenanstaan
aankijkankoik
aankomendankomd
aankomendankommend
aanliggenanlègge
aanloopanloup
aanlopenanloupe
aannemelingankommeling
aannemelingannemer
aannemerannemer
aannemingsbedrijfannemersspul
aannemingsfeestannemersfeist
aanpakkenantuige
aanpassen (zich) z'n oigen vernuvere (vero)
aanrechtanrecht
aanrechtboenbank
aanrichtenanrechte
aanrukkenanròkke
aanschaffenanskafte
aanschroeienanskrouke
aanstaande moederassiè
aanstellerignesk
aanstellerijanstelderaai
aanstondsaans
aanstondsaansen
aanstondsaansies
aanstondsansens
aanstondsdemie
aantrekkelijkpittug
aantrekkenantorne
aantrekkendantrekkelek
aanvliegenanvliege
aanwenselanwenst
aanwijzinganwoizing
aanwijzingenanwoizings
aanzeggenanzèg
aanzeggeranroeper
aanzettenansasse
aanzichtankoik
aanzichtopzicht
aanzittenanzitte
aanzitten, genoeglijkpeut, don of mooi anzitte
aapjesaapies
aardappelpieper, eerdappel
aardappel van een bepaald soortofkouker
aardappelenpiepers, eerappels
aardappelmeseerappeleskildersmes
aardappelmesjeeerappeleskildersmessie
aardappelrooischopjerôderskoppie
aardappelserepels
aardappelspiepers
aardappelschillenpiepersjasse
aardbeierebaai
aardbeierebai
aardbeienerebaaie
aardbeienkistjeeerebaaiekissie
aardeeerd
aardewerkdiggelegoed
aardig, leukpittig
AartswoudIerswoud
aasals
aasjeaasie
abbestedeabbestad
absoluut nietom de dooie dood niet
accoderenakkerdère
achterafter
achteraanachteran
achterafachterof
achterafjeachteroffie
achterbaksachterbaaks
achterbaksachterkousig
achtererfachterwurft
achterhuisàchteres
achternaachternei
achternaefternei
achterneefachteromsklomp
achternichtachteromsklomp
achteropop achter
achtersteachterst
achterste deelachterend
achterste perceelachterstik
achtertuinjeachteruitje
achteruitgangachteruit
activiteitaktivitoit
ademasem
ademenaseme
advocaataffekaat
advocaatavvekaat
afof
af en toealtemet
af en toealtemetteres
af en toebaitaaie
afblijvenofbloive
afblijven!niet 'r allemaar an! ofbloive!
afblijven!!niet 'r an!
afdakark
afdakbartees
afgeleefdakker
afgelegenienhan (d) s; uitverdan
afgeleverdofleverd
afnemenofneme
afnemenzakke
afrekenen/betalenoftikke
afruimenofredde; ofruime
afscheidofskoid
AfsluitdijkOfsluitdoik
aftroggelenofpolle
afvoergatgoôsgat
afwassengoeskômake
afwaswaterwapeling
afwijkenofwoike
afwijkende melk door uierontstekingdroop
afzettenoflègge
akeligakelek
al langallang al
al lopendlopendevort; loupendevort
al pratendepratendevort
aldaarànkemd
aldooraldeur
aldoorallegedurig
aldooroftig (=vaak) ; aldeur
aldoor / steedsalsmaar
alikruikalikruk
AlkmaarAllekmaar
allebeialletwei
allebeibaaiegaâr
allebeibaaietwei
allebijalletwei
alledaagsdaags
alleenallien
alleenalliendig
alleenallienig
alleenenkeld
allegedurigalgedurig
allemaalallegaar
allemaalalles
Allemaal hetzelfdeIen toet mem
allemans vriendinnetjeallemansmoidje
allerakeligstaldernaarst
allesallies
alles lustenbedelaarsbekkie
alles lustenbedelaarsmaag
allichtsachs
alpinopetklotje
als as
alsal
alsas
alsas; aas
Als het je toch niet uitmaakt...al ken 't je toch niet skêle as 't je toch niks ken skele
Àls je iets leent van iemand en het gaat stuk of raakt zoek dan moet je het vervangen.Stik weg, 'n aar!

A

alsmaarallemaar
alteratiealderassie
altijdaltoid
amandelmangel
amperkwaluk
ander aar
anderaar
ander dingetjeaârtje
andereare
anderhalfaârlef
anderhalfaref
anderhalf onsarufôôs
andersaars
anders dan anderenaars as een aar; aars aas are
andersomaarsom
AndijkAndoik
Andijkeerappel end
andijviestampstimpestamp; stimpstamp
angstang
angst hebbenje oigen doôd oise
angstigbang
angstigbangig
apartampart
apartampartig; ampart
apotheekapteek
appelappele
appelenappele; appels
appelerenabbelère
appelmoesappelepent
appelsappele
appeltaartappelleteerd
aquariumaker
arbeiderarrebaaier
arbeiders praatarrebaaierspraat
arbeiderspraatarrebaaierspraat
arensnijderaresnaaier
argumenterenargewere
armlastigarmetierig
armlastigvan de armekas trekke
armoe (de) armoed
armoedearremoed
arresterenarrestere
artiestartist
artiestenartiste
asask
asdomp deut
asdompdeut
asjemenou!moin christen!, ook wel: christen credo!
aslaaslaad
autooto; auto
autobandotoband; autoband
autobandenotobande; autobande
avondeivend
azeneize
azijnazoin

B

baardbeerd
baard scherenbeerte
baarsbeers
baarsjebeersie
babypop; poppie; purkie
bacillenbaksille
badenbadderen
baggerprut, skotwal
baggerslik
baggeren (handmatig) slikke
baggeren (handmatig) vlosse
bakbokkingbakbokkem
bakerbaakster
bakkenbakke
balastschopballingskop
baldadigbedeidelig
baleinebezembeloinebezem
balkbadding
ballastschopballingskop
banaanbenaan
bananenbenane
bandenbande
bangbangig
bangelijkbangig
bangerdbangeskoiter
bangerikbangeskoiter (d)
bank in roeiboot of op een wagendoft
bankjeassiedankie
bar znbar
barbaarsbarrebaars
BarsingerhornBarregórre
barstenbarste
bastaards vloekarrejakkig
bastaardsvloekakkerdefalie
bed bordjebebbordje
bedachtbedocht
bedankjebedankie
bedankjesbedankies
beddeplankbedsplank
beddeplankbedsplank; besplank
beddetijkbeddeteek
bedelen van voedselgnokke
bedelen, iemand 't eten van zijn bord kijkengnokke
bedelend aankijkengnokke
bedervenbederve
bedlegerig zijnbedderig
bedrijfbedroif
bedrijvenbedroive
beenbien
beestbeist
beestenbeiste
beestjebeisie
beestjesbeisies
beetjehortje
beetje aan rommellenstudderen
beglurenbeglouwe
begravenbedekt
begraven wordenbedekt worre
begrijpbegroip
begrijpenbegroipe
begrotelijknoselek
behangpapierbehang
behoorlijkpittig
behoorlijkpuur; purig; verlegen
behoren; moetenvlaaie (vero)
beidebaaiegaâr
beidebaais
bekafdoôdloof
bekafdoôdlouf; doôdloof
bekeurenbekelanzère
bekijkenbeknoinze
bekijkenbekoike
bekkenbekke
bekoringbekoren
bekrompenbenauwd
bekvechtenkibbele; klamme
bekvechtenklamme
bekvechtenkriewen
bekwaamtuuk
belangstellendbelangroik
beledigenafgront
belegbelaai
belegselbelèg
BelgiëBelgi:e
belhamelbasseroet
bellangenanbelange
bellenbelle
belopenbeloupe
beluidenbeluie
bemoeialhennemelker
bemoeiziek persoonoud woif; meut, opoetet
Ben jij een aanhankelijk meisjeBen jij een sels woiffie
benauwdheidbenauwdhede
benauwdheidbenauwdighoid
benedenbenedenen
benedenbeneer
benenbiene
benzineplofstof
bereikenbegaan
bergbarg
berg (bv. puin) bult puin, meuk
berg puinhoup puin
berijdenberaaie
berijpt rakenwitvrieze
BerlijnBerloin
beroeringbereuring
beschadigdbeskandeleseerd
beschadigdverskammeleseerd
beschadigenbeskandelesere; beskandelezere
beschadigenbeskandelezere
bescheidebedèst
bescheidenbedést (van modest) ; beskoide
beschermdbeskermd
beschermdebeskermde
beschuit met kaas en roggebroodhoutsnip
beslagenbesloegen
beslommeringenare drokte
bessenpapbessepent
best welpittig
besturenbesture
bestuursledenbestuurslede
betasten (licht erotisch) frunneke, veugele
beterbeterder
betoverenbekolle
betrouwbaarbetrouwd
bevallenanvalle
bevestigenbevestigge
bevochtigen van strijkgoedindoffe
Bevoorrecht zijnAn 't voorspeen legge
bevuilenbedritte
bevuilenbelabbe
bewarenbeware
bezeerd zijn, b.v een kind na val met fiets.noh knecht, wat ben jij skarnisselt (uit wmh. m'n oma)
bezoekingankomst
bezuinigenbenoupe
bierpils, assebasie
bijbaai
bijbai
bij een harken van gemaaid grasanswêle
bij hetbaai 't
bij iemand voor het uitzicht staanje benne 'n mooie keers maar je geve gien licht
bij lange nietin gien voete of vame
bijbetalenbaispitte
bijdebaaiegaâr
bijdehandpokdalig; slachtig
bijdehantepokdalige; slachtige
bijgerechtbaaispul
bijgerechtbaispul
bijhoudenbekrombiene
bijkeukenboetje; klompehossie
bijnaaltemetterus
bijnabedát
bijnameist
bijnatemet
bijnazowat
bijstellenbaaistelle
bijtijds (hij kwam bijtijds elke week) haai kwam baaitaaie alle weke
Bijzonder aardigverlegen pittug
Bijzonder glanzend't Glom as 'n butterdiggel in de maneskoin
billen (dijen) bille
binnenin binnen
binnenbandenwindzakke
binnenhalenbegaffele
binnenstadbinnenstee
BinnenwijzendBinnenwoizend
blazenbleize
blazenfutere
bleekbenepen
bleek ziekelijkbriek
bleekveldbleik
blijbloid
blijdschapbloidskap
blijdschapbloidskip
blijvenbloive
blijven slapen (logeren) te warskippen
bliksemenblikkere
bliksemtblikkert
bloeienbloeie
bloemblom
bloembollen oogstente bolle rape/zoeke
BlokdijkBlokdik
blutrut; ruttum
bobeldijkbobbeldìk
BobeldijkBobbeldoik
bodem met een restjebôdempie
boekjesboekies
boenengrobbele
boerenlandboereland
boerenwagenbakswagen
boersboerig
bokkingbokkem
bokkingbokkum
bol bol
bollenpellerbollepelder
bollenpelsterbollepelster
bomenboume
bonkklaak
bont maakeallegaârtje
boodschapboôskap
boodschapboskip
boodschap brengenmiedebrenger (?)
boodschappen boskippe
boodschappenboeskippe
boodschappenboôskippe
boodschappenboôsskippe
boodschappenboskippe
boodschappenboskippûh
boodschappen doenboôskippe doen
boomboum
Boongeweldige familie/met bòòòòn
boonmit bòòòn > de leukste familie van NEDERLAND
boonmit bòòòòòn
boosbals
boos jong meisjekwaad skeip
borsteltje; borstelhaarskuiertje; skuierkop
borstrokbaaitje
bos bloemenruikertje
Bosniëidem
boterbutter
boterhamstik; piel
boterhammenstikke; piele
botersausbutterstip
botervlootbutterdiggel
botorhammenzakjestikkebuul
bouwvalligskammerottig
bovendiendeerbaai
Bovenkarspelidem
braadbreid
braakneiging hebbenfrouke; kore
braakneiging/kokhalzenfrouke
bradenbreide
braken (overgeven) spaaie
brandfik; stouk, stoukie
brandstouk; stoukie
brandende hoop strobèkem
brandnetel brandenekel
brandnetelbrandenekel
brederbreier
breienbraaie
brij (pap) braai
BrilFok
broedsbroes; broesk
broedsbroesk; broes
broedselbroed
broeierigbederfelek
broeierighennepullig
Broek op LangedijkBroek (op Langedoik)
broekzakdiések
broekzakdiezek
Broekzakdizek
BroerdijkBroerdìk
brokstik
brommerbrommert
brommerdarmeskudder
bromvliegbrommer
bromvlieggonzer
brood eet tijdskofttoid, konkele
broodje bij de koffiekoppiestiek of koppiestoet
broodtrommelstikkebuul
brouwenbreie
brugbreg
brug van houttil
bruggenbregge
bruggetjebreggie
bruiloftbrulleft
bruiloft vierenbrullefte
bruinbrûn (Opperdoes) ; bruin
Bruin broodStoet
brutaalasserant
brutaalbrutaal; astrant
bubbelhuppel
bubbelshuppels
bubbeltjehuppelje
bubbeltjeshuppeljes
buiskoer
buikbûk
buitenbûten (Opperdoes)
buiten de grenzenuitelemalte
buitenafbuitenof
buitengewoonallemachtig
BulgarijeBulgeraaie
bultenbulte
bushokjebushokkie
ButterhuizenButterhúize
buurtschapbuurtskap
buurtschappenbuurtskappe

C

CallantsoogKallantsoog
camerakamera
campingkemping
cappucinokappusino
cappucino'skappusino's
cappucinootjeskappusinootjes
cappuconootjekappuusinootje
capsoneskapsones
capucijnersgrauwe urte
caravansleurhut
Carnaval vierenpapagaaien feest
celsel
cel (gevangenis) spinnehok
cellenselle
centensente
centrasentrums
centrumsentrum
centrumssentrums
chagarijnigbelóórd
chagrijnigbelóórd
chagrijnig; zuinig, gierigsaggeroinig
collectekollekte
collecterenkollektere
comminicatiekommunikazie
computerkompjoeter
contolefreakbestruk
coolgeif; gaaf
crimineel; ook uitroep van verbazingkrimmineêl
criminelekrimminêle
croissantluuksie
croissantjeluuksietje
croissantjesluuksietjes
croissantsluuksies
Cyprusidem

D

daard'r
daardeer of deero
daar hoor ik van op!zuks! Deer hew ik 't van op an!
daarachterdeerachter
daarbijdeerbaai
daarind'rin
daarindeerin
daarnadeerop; d'rnei
daarnetnet zo even; passies
dachtdocht
dachtendochte
dag dat het bed wordt verschoondbedskòmmakersdag
damhekachterdam
danden
Dan zijn de rapen gaar!den is Jut jarig!
dansendanse
DansenDjensen
dat bedoel ikdat deervan
Dat ging niet goed.. Slecht reiden...
Dat ging prima!Goed skôten!
Dat had je eerder moeten bedenkenas is verbrande turf
Dat is allemaal hetzelfdeIen toet mem
dat is een beste jongendie het 't kwaad niet de wirreld inskopt
Dat is geen reële voorstelling van zakenJe kenne wel zêgge: haal 'n peerd uit 't land, maar 't moet er wel loupe!
Dat is geregeldDat aai is op rust
Dat is toch ook heel ergDas ok hilsverskrikkiluk
Dat lijkt me wat!Dat rooit er op!
Dat lijkt nergens op!Dat rooit kat nach varreke! Dat rooit nerges nei!
dat zou best wel eens zo kunnen zijndat kon nag wel d'r 's
de broekriem aanhalen (op dieet zijn) skrieme
de deur vergrendelende look op de molder
de hele boelsántepetie; santemekraam; de hêle ratsemodee
de knipde puut
de koek is oudde koek is bol; ousk
de noordde noôrd of 't Noôrd
de Weelde Weêl; 't Weêltje
dedendede; deje
dedendeje
deftigswiet; petent
denkdink
denk ikdink
denkendinke
derièreachterkret
desondanksevengoed
deugnietaapslag
deugnietape
deugnietbarrel
deugnietbasseroet; bazzeroet
deugniet.aapstien
deukbus, blus
deur naar de hooibergbergdeur, darsdeur
deurtjedeurke Opperdoes)
dezedeus
dezedeuze
dezelfde zulke (meervoud) sukkers
dezelfde; zulke (meervoud) sukkers
diagonaalskriks
dialectdialekt
diareebarreleskeet
diarreeskoiteraai
diarree hebbenan de skeet wezen
Die is (na zijn ziekte ) niet meer dezelfdeDie het puur zô' n jassie uitdein!
die is na ziekte sterk vermagerddie het puur zo'n jasje uitdein
die mag ook àlles!al skoit ie (verdomme) op tafel
dijkdoik
dijkhuisjekuite koikers huissie
dijkpaaldoikpaâl
dikdikdalver
dikvet
dikke buikboetje op me buk
dikke tweetandig houten vorkbaak
dikke vrouwlog
dikke vrouwskommel; skommelleskuit
dikzakbul
dingetjedinkie
dinsdagdingesdeg
Dinsdagdinnesdag
distelstekel
ditdut
doedoen
Doe effe gewoon man!Doen 's niet zo leukig
doendoene
doen het ook maarlapetemoccus
dokterenmeistere
donderdagdonderdeg
donderstraalbarrel
DoodPiem
dood dierkreng
doodedooie
doodlachenbegiere
doodlachenbegille
doodmoelouf
doopplechtigheiddoupie
doordeur
door de vorst moeten stoppen met werkenuitvrieze
door regen moeten stoppen met werkenuitregene
door zuinigheid uitsparenuitzuinige
doorgaansdeurgaans
dopendeppe
dopingdouping
dorpdurp
dorpeling, van elders gekomenbuitenpoorter
dorpendurpe
dorpshuisdurpshuis
dozendôze
draagbaarberrie
draden trekken (bij havermout koken) liemere; lieme
drassignesk
drassigernesker
drassigstneskst
drieentwintigdrièentwuntig
driewieligedriewielder (driewielder kar)
driftigbal
driftigpoestig
driftigerpoestiger
driftigstpoestigst
drinkenleute
drinken aan de moeder borstanpakke
droge lippensprôze lippe
drommelsweerlicht
dronken blauw
dronkenblauw
DronkenPeut an
dronkensikker
dronkenskeef
droogdroug
drooglijnklereloin
druileriggranzerig
druilerig weergranzerig weer
drukbedroivig
drukdoenig
drukdròk
Druk met niksZô drok as 'n kloin basie
druk praten en niets zeggenpregeren
drukkend weer, wanneer er onweer op komst isBol weer
druktebedroive
druktedrokte
drukte omhaalheisa
druktemakerhaaibaai
dubbeldubbelt
DudinkDudels
DudinkMooie familie/het sterke ras.
duinnol
duinennolle
duivelduvel
duivelskindbèlie
duiveltjeduveltje
duizendduzend
duizendenduzende
dun van stofflutterig
dus (als stopwoord gebruikt) dat.
dut moet, dat moet, moete? ete moet je, doòd gaane je.
duurdurábel
dwarrelwinddweer; snorrelwind
dwarsnittelig
dwarsoverdwarsof
dweilvoil

E

echtgenootanhang
echtgenoteanhang
economieekonomie
één ien

E

een andereien are
een boterham zeer royaal met boter besmeerdstik broôd met klake butter
een buurpraatje houdenbuurte; beurze
één hectarebunder

E

een heel karweiantui
een kindje krijgen/bevallen'n poppie koupe
een niet bevrucht ei onder een broedse kipskolper
een niet bevrucht ei onder een broedse kipskolver
een of andereien of âre
één of een paar stralen melk afnemen vóór het melkenofspatte

E

Een ongeluk zit in een klein hoekjeas 't ongeluk 't wul breek je je vinger in je neusgat
Een onverwachte gast geeft alleen maar last.Onverwacht komt ongelegen
Een onverwachte gast is nooit iemand tot lastOnverwacht voegt 't best
een schoonmaakbeurt gevenskake
een sigaar opstekenanpunte
een slecht persoonpeerdevolk
een snotneus hebbennommer elf op de lip hewwe
een tijdjeun skoffie
een verbroke verkering herstellenanmake
eenden kuikenspulletjes
EendenkuikenPulletje
eenentwintigienentwuntig
Eenigenburgidem
eenseris
eensiens
eentjeientje
eenzaamienluk, allienug, sels
eerst eenseerstens
egoid
eggenoide
eiaâi
eienaâiere
eierenaaiere
eierstruifaaierestruis
eigenoigen
eigenaaroigenaar
eigenaardigaardig
eigenaardigkuuks
eigenenoigene
eigenlijkállek
Eigenlijk vind je haar/hem wel leuk.Weer je 't meist van hew te zêggen, kom je 't dichtste baai te lêgge
eigenwijsoigenwois
eigenwijs iemanddwarsharses
eigenwijs iemandoigenwoisie; oigenwois endje mens
eigenwijzeoigenwoize
eikelaardaker
eikelaker
eindeend; oind; oinde
einde, stukoind
eindelijkoindeluk
eindigoindig
eindigenoindige
eindigtoindigt
eisois
eisenoise
eksteraakster
elastiekhillestiek
elastiekstiek
elastiekjehillestiekie
elkaarmekaar
elkealle
emeltgreêuwe wurm
emmeraker
eneiene
enfinafoin
enigienigst
enkelankleêuw
enkelanklouf
enkelenkelt
EnkhuizenHenkuze
EnkhuizenInghúze
enkhuizenaarInghuzenner
EnkhuizerHenkuzer
er'r
erur
er achteraan rennendr achteran florte
er naastneist-an; zoid an
er op uitanverdan
er verhit uitzien na ravottenverboeft
erbijd'rbaai
ereledenerelede
erfurft
erfwurft
erfdeelurfdeêl
erfenisplok
erfenisjeplokkie
erfenissenplokke
ergbar
ergbot
Erg koud gewordenBokvroren!
erg moedoôd louf/loof
erg zoutbroinzout
ergens moeite mee hebbend'r puur zo'n keg an hewwe
erind'rin
ernaternei
eruitd'ruit
ervaren tuinderbouwrot
erwtskokker; urt
erwturt
erwtenskokkers, urte
erwtensoepSnert
etappeetap
etensrestjekliekie
etensrestjeslessies
etenstijdeterstoid
etenstijd; schafttijdskoftoid
etteratter
etterbakaterling
etterbuil!koelicht! huut!; skrook!
Europaidem
eveneffies
evenefkes
Even een eindje rijdenEffies an de reet
Even rustig kinderen!doen 's niet zo graskalleverig; doen 's niet zo nuwluk
eveneensalliens
evengoedidem
eventjeseffies
evenveelevenveul
evenwelalèvel

F

fabriekfebriek
faillissementferliezement
familiairvan oigens
familiefemilie
fantastischskoftig
februarifebrewarie
feestfeist
fietsenan de reed weest
figuurmedel
fijnfoin
flauw van smaakfleêuw of fleêuwig
flauw van smaaklaf, lafferig
flauwekulonwoizighoid
flinkbrat
flinkpuur
flirtenkaterjage
flitsenhet licht pittig
fluweelferwiel
fopspeenstiek
forcerenfaksére
forse bilpartijbatteraai
fototoestelidem
FrankrijkFrankroik
frisgappejannig
frishufterig
frisbeeswikker
frisdrankboerewater
frisdrankhuppeltjeswater; frissie; frissighoid
fuikfuk
fundering van een hooibergbergmuurtje
futenfute

G

ga je op bezoekgae je te warskip
gaafgeif (?)
gaaf (erg goed) onwois goed
gaangane
gaanidem
Gaan logerenTe waskip
gaapmeêuw
gaaptmeêuwt
gammelkrammenappug
gapenmeêuwe
garneringagrementje
gasten; visiteeters; volk
gastvrijgastvraai
geadopteerd kindjethuishaalder
gearmdarmpe-deur
gearmdarmpie-deur
gearresteerdarresteerd
gebaand padbaan
gebarsen lippen bij oosterwindsprôse lippe, sore lippe
gebarstenzoor
gebektbebekt
gebeurd (het is ..) beurd
gebeurdebeurde
gebeurenbaikomme
gebiedidem
gebiedengebiede
geblevenbleven
gebliksemdblikkerd
geblustblust
gebradenbreiden
gebrekkiggebrekkeluk
gebruikengebruike
gebruikeridem
gedaanbedein
gedaandein
gedachtdocht
gedichtroim
gedichtenroime
gedijen groeienreide
geengien
Geen tijd?Gien toid is gauw zoid, je make toid en je hêwwe altoid toid!
geen vooruitgang makenteuven
Geen weggeverSkuiffiesloper
Geen zaken erbij betrekken die er niets mee te maken hebben.'t huisie baai 't skuurtje houwe
geeneensgeniese
geeneensniet iense, niet iesen
geestgeist
gegaaptmeêuwd
gegapenmeêuwd
gegooidgooid
gehaaldhaald
gehadhad
gehaktfrik
gehakt van een nuchterkalffrik
gehaktbalfrikbal
geitgoit
geitengoite
geknieldkniest
gekniptskeert
gekochtkocht
gekomenkommen
gekozenkozen; kôzen
gekrabdskurkt
gekregenkregen
gekweld woordenbeheeftig
geldpuut
Gelderlandidem
gele klinkertjesboeregeêltjes
geleerdbeleerd
gelegen (volt.dw) loid
geleidelijk aanallèskende
geliktslikt
gelogeerd bij iemandte warskippe weest
geloofgelouf
geloviggelouvig
gelukweldaaijen
gemaaktmaakt
gemalengemâle
gemeen iemandhurk
gemeen persoonhurk
gemeenheidgemênighoid
gemenerikhurk; hork
gemoedelijkheidgemoedelukhoid
gemotoriseerd schuitjemoterskuit
gemotregendmiggeld
generaalginneraal
genoeggenog
genoeglijknoffeluk
genoemdbenaming
genootschapgenoôtskip
gerechtidem
gereedschapgereêskip; gereidskip
gereedschappengereêskippe; gereidskippe
gerustidem
geschiedenisgeskiedenis
geschilferdskulferd
geschovenskikt; skoven
geschrokkenverschoten
geschuifelskuifeleraai
geslaagdslaagd
geslagensloegen
geslapensleipen
gesliktslokt
gesnede beerbarg
gespikkeldsprinkeld; spikkeld
gestaanstaan
gestolenklauwd; stôlen
gestruikeldstroffeld; struffeld
gestuurdstuurd
getrokkentrokken
gevallenstroffeld; struffeld; vallen
gevengeve
gevondenvonden
gewaarborgdwaarborgd
gewassen (volt. deelw.) wossen
geweestweest
geweldigskoftig
gewonnenwonnen
gewoonteanwenst
gewordenworren
gezegdzoid
Gezegd over roodharigenRoôie en vale benne donderstrale
gezelliggezellie
gezellignoffelijk
gezellig zittenmoôi an zitte
gezellig zittenpeut anzitte; don anzitte
gezellighoudanhoud
gezichttoet
gezienzien
gezongenzongen
gezwelswel
giechelengiebele
gierier
gierigbenauwd
gierigdeun
gieriggiereg
gierigkniertig
gierigkrepserig
gierigaardkrepser
ginggong
ging (vrl.t. van gaan) gong
gingenginge
gingengonge
gisterguster
gistergustere
gisterengustere
glanzendgland
glijbaanglisbaan
glijdenglisse
glijdenzulle
glijdend meegesleept wordenseze
glimlachengloimen
glimmendgland
glimpswing
glorengloere
gluipertsmuigert
glunderendgland
glurenglouwe
goedbest
goedgonje
goed dat hij weg is (gegaan) mooie hiele
goed weer om te hooienhooiersweer
goedaardiggoedeluk
gordijngerdain, gerdoin
gortenpapbraai
gortjespapbraai
grasveldjebleikveld
grauwskier
grauwe erwtgreêuwe urt
greppelgrippel
greppels stekengrippele
Griekidem
Griekenlandidem
Grieksidem
Griekseidem
grijpengroipe
grijsskier; grois
grimmiggrimmelig
groentebaaispul
groepkliek
groepengroepe
groepenklieke
groetbegroete
groetgroetenis
groetengroetenis
groetensjoere
groezeliggrimmelig
grof broodachteling
grommengrommele
groot glasbel
groot hoofdaârlefhoufd
Groot-BrittanniëGroôt-Britanje
groot, flinkstoer
groote duwsleebarrezèt
grootebroekgroitebroek
grootmoederbappe
grootmoederbeppe
grootmoedergropmoeder
grootmoederopoe
grootsswiet, groosk
grootschaliggroôtskâlig
grootschaligegroôtskâlige
GrootschermerGroôtskermer
grootvaderbep
grootvadergrofvader; gropvader
Grosthuizenidem
grotegrôte, grôterd
grote hoeveelheidbrat; zwik; zoôt
grote houten hamerslaai
grote houten hamersleg
grote lummelgrot dangel
grote vlieggonzer
grotergrôterder
gruwelgrouwel
gruwengrouwe
gulzigbuffelig; gruizig
gulzig drinkenbelze

H

haagwindeklokjeswinde
haagwindeslingerroos
haalidem
haarheer
haarheur
haardstoelzurg
haarkruindweer
haast, bijnameist (je zoue meist dinken dat...)
haastenjage
hadidem
had ikha'k
haddenhadde
halenhale
halloheui
halloKruipersbroek
hallomogge
hallonôh hee
hallonôheui
hals over kophol over bol
handfleik
handenfikke; klauwe
handenfloike
handigreddig
handvathelt
handwerktuig om aan te aardenaneerder
hard werkenezele
hard wordenbeharde
HarderwijkHarderwìk
haringhering
HaringhuizenHeringhúze
harkklauw
hartstikkehartstikkend
hebhew
heb jehejje
heb je dát eraan uitgegeven?Ben je je geld louf? Heb je peertje skoitgeld?
heb je een pak slaag gehad?heb/hew je sleeg had?
Heb je nog konijnenvoer?Trien hew je nag kneinevoer?
hebbenhewwe
hectarebunder
heeel zachtjes sneeuwenkrokkele; krokkere
heefthet
heeft gevondenvonden hew
heelhiel
heel ergaldernaarst
heel ergallemachtig
heel ergasderantoe
heel ergbar
heel erg koudverlegen koud
heel gezelligbar gezellig
heel hard regenen't hoôst
heel klein gaatjegoôsgaatje
heel licht sneeuwenkrokken, ´t krokt
heel mooiskoftig
heel netjesfieterdefointjes
heel smakelijkje hemd erin kenne vertere
heel veel't barre zoôt; 'n brat; 'n zwik; bar veul
heel veelbar veul
HeerhugowaardDe Waard
heerschapheerskip
heetbrandheit
heettehiette
hekkenhekke
helemaalhillegaâr
helfthalleft
hellingklucht
helling (heuvel) klucht
hemhem; h'm; 'm
hemhim
hemdhimd
Hemelvaartdagidem
hengsthienst
hengsthienster
herinneringenherinderings
herkenbeken
herkendebekon
herkennenbekenne
hermelijnhermke
herpes smplex (koortslipprutlip
herstellenberadde
het't
het bliksemt't blikkert
het fietsend af kunnenbefietse
het gelukweldaaien
Het haar is in de war't Heer is in de snol, in de tis (t)
het hoogland't hougland
Het is afgelopen't Is beurd; 't is dein
Het is afgelopen't Is dein mit de koupman
het is de moeite nietanzette
Het is het een of het ander´t is tien of´taar
Het is klaar't Is dein
Het kan me niks schelen'k hew skoit an dronken naatje
Het kost al een vermogen, voordat er ook maar iets gebeurd is.'t Kost meer van stoigen, as van dekken!
het niet af kunnenbedreutelen
het niet afkunnen`t niet bedoen kenne
het niet kunnen opbrengen`t niet behappe kenne
het niet kunnen opbrengenbehappe
het niet op kunnenbeëte
Het niet uit de hand laten lopen't geren niet van de klos loupe leite
het onthoudenonthoud
het ruikt muf/schimmel't smaakt ousk
het zich aantrekkenantrekkeluk
hetenhiete
heterheiter
heteroeen man die op een vrouw valt
heuvelklucht
heuveltjekluchie
hierhiero
hijhaai
hij heefthaai het/heb
Hij heeft het helemaal verbruitHaai heb de lever vreten; haai heb 't vreten
Hij is bij het gierige af!Die, die skoit niet voor elve!
Hij is zeer goed bij de tijdHaai is vies baai
hij staat daarhij sting deer
hij zit er financieel slecht bijhij zit in de poepsekarn
hijgenpoeste
hijgenslagloive
hing (verl.t. vn. hangen) hong
hitsiggruizig
hoe één heb jij er; nou zo éénhoentje hetje; noh zôntje
hoe één heb jij er. nou zo éénhoentje hetje. noh zontje
hoeveelheidstuit
hoezowat den
hoezo?wes den?
Hogebierenidem
hogerhouger
hogerehougere
hoimoah
hoimorrie
hoipoep
homepagesait
hondidem
hondenhonde
honderdenhonderde
HongarijeHongaraaie
hongerskroei
hongeriggruizig
hoofdhoufd
hoofdkners
Hoofdtreiter
hoofd kopkanis
hooghoug
HoogkarspelHougkarspel
HoogkarspelderBlauwe Roiger
hoogmislatekerkerstoid
hoogswaarschijnlijkbepaald
HoogwoudHougwoud
Hoogwoudidem
hooibergberg
hooiweerhooiersweer
hoophoup
hoopklaak
hoopskarn
hoorheur
hoorhore
hooroôr
hoorthore
hordenlopenhordeloupe
horenhôre
horlogeklokkie
horlogeorlosie
horlogesklokke
houd vastawààr
houd vastawèèr
houdenhoue
houten brugtil; steg
hozenôze
huilenblèrre
huilenguile
huilenpeêuwe
huishoudenhuishouwe
huishoudgeldhuishouwersgeld
huisjegehuchie
huisraadbed en bulster
huiverigangroipend
huiverighufterig
huizenhuize
hunhullie; hunnie; zullie
huppelenhibbele

I

idemgnorte
idemofboôd
Iedereende héle meut
iedereeniederien; alleman
iemand die te veel drinktdie kwat er niet in
iemand is onder het ijs geraakt en verdronken...ois kost mensevlois
iemand niet thuis treffenan de vaste deur komme
Ierlandidem
Iets anders aantrekkenEfkes 'n aar jurkie antrekken
iets dunsfliedertje
iets kwijtrakenstrooien
iets minder uitgelaten graag!doen 's niet zo graskalferig
iets uitblazeniets uitbleize
iets voorstellenoppenére
ijsais
ijsois
ijselijkoisbaarluk
IJslandOisland
IJslandsOislands
IJslandseOislandse
IJsselOisel
IJsselmeerOiselmeer
ijzeloizel
ijzeroizer
ijzerenoizere
ijzerenoizeren
ik'k
ik heb zin in snoepen'k heb zin an snaai
Ik kan niet meer!M'n biene benne baai 't gat of!
Ik snap er niks vanDeer ken ik gien touw an vast knoupe
in de goot gelegen hebben/ dronken zijn geweestin de goot loid
in de herfstherrestdágs
in de klitin de tist
in de sloot geraakt kindsnoek
in de winterwinterdags
in de zomerzeumerdags
in een oogwenkameri
in een oogwenkameroitje
in elkaarinsekaar
in goede banen leidenbeskippere; beskiemanne
in hetin 't
In het oogOp skot
in het voorjaarvóórjaars
in je eten of pap zitten te prakken en draaien en het niet op etenposken
in stukkenbarrele
inderdaad!majje zègge
inderdaad.deervan
indienal
indienas
ineensinienen
ineensiniensen
informatieinformasie
ingehaaldinhaâld
ingetogenbedèst
ingevluchtinvlucht
inhalenbegaan
inkorteninkorte
inpalmeninpikke
inschenkenintappe
intappenintappe
interesserenbegeve
inzetteninzette
irriterenettere
is hetis't

J

jachtengoistere
jaloersheidkift
jamsjem
jammer vindennôse; begrôte
jan in de zakbroeder
januarijannewarie
jarenjare
jarenjere
jarigidem
jarigejerige
jazekerjazeiker
je begrijptje begroipe
je bentje benne
je blijftje bloive
je braadtje breide
je breitje braaie
je deedje deje
je geeftje geve
je geld aan het juiste bestedenbeter an de bakker as an de meister/ beter an de bakker as an de dokter
je genietje geniete
je hebt dikke benenje hewwe een paar beste poote onder je gat
je kanje kenne
je kan heus rekening houden met de gevoelens van een ander!'n mens is gien erepel, ok as ie ze met n stokkie pôôt
je overdreven voorzichtig moeten uitdrukkenje woorden op 'n goudskaaltje legge moete
jijjai
Jij begrijpt het!Jai pikke de keutel an ut skonste end!
joligjoôlderig
jongenbooi
jongenjoi
jongenjoôje
jongenjoôn
jongensjoôs
jongensmutsbakkertje
jongerenjongere
jongerenbendejongerebende
jongetjejoôje
juistjuustem
julijûlie
julliehullie
junijûnie
jurkje van de aannemelingeannemerskleidje
jusstip
justitiejústisie

K

kaarskeers
kaarsepitdief
kaartje stopwolkaartje brat
kaaskeis
kabel't kabel
kabinetkammenét
kadetkedet
kadetjefransie
kadetjekedetje
kadetjeskedetjes
kadettenkedete
kafnaaldbeerd
Kalverdijkkalleverdoik
kan
kankin
kan jekè je
kan jekejje
kaneelkeneêl
kantside
kantje boordkrappe sokke
kapiteinkaptoin
kapotan barrele
kapotan gort
kapotdiggele
kapottebarste, stik
kapot exemplaarstikkenegert
kapot gevrorenbok vroren
kapperbarrebier
karamelkarremel
karnemelkse paptroet
karnemelkse pap/bloempapkarremelleksepap of braai prol werd ook gebruikt voor andere soorten zoals havermout, roistepap
karretjekros
karweisjouw
karweitjesjouwtje
karweitjessjouwtjes
kathoekkathorn
kazenkeize
keekkeke
keekkoik
keel schrapenbremme
keelgatkeêlsgat
keetzôipkeet
keilenzwikkeren
kekenkeke
keldermotbeddepisser
kerktjerk
kerkbuurttjerkebuur
kerkentjerke
kermiskerremis
Kermis 's ochtendsDeunen
Kermis in BakkumBakkummer oorlog
kermissenkerremisse
keulenkeule
keurigheidkeurighoid
kibbelenkibbele
kievitkieft
kijkkoik
kijkenkaike
kijkenkoike
kijvenklamme
kindkoind
kinderachtig doenmaljage
kinderenkoinders
kinderen die voor dag en dauw wakker zijn en gaan rondspokenvroegspook
kindertijdkindertoid
KinderwagenPoppekrossie
kinderwagenpoppesjees
kinderwagenpoppesnor
kivitkieft
kivitenkiefte
klaarkomen met karnebekarne
klaarspelenbekarne
klaarspelenbeklare
klamsloeg
klamsloffig
klamvochtigdrem
klauterenhoistere
klefdaaiig
klefsloeg
kleiklaâi
kleienklaâie
kleinkloin
kleinlutje
kleinlutke
klein kindpurk
klein kindpurkie
klein paardket
klein persoonurtje
klein staartje bovenop het kinderhoofdpuussie
klein stukjesnibbelke
klein vrouwtjekloinachtig dinkie
kleinbeginbegintje
kleine stevige knaapbeuker
kleinerkloinder
kleintjegnurtje
kleintjepurk (ie)
kletsenklassinère
kletsenratele
kletsenteute
kletskous (mn.) oot met struul
kletskous (vr.) ootje konkel
KletsmajoorOud geweer
kletsmajooroud geweer, teutharsus, ôôtje konkel
kleurenkleure
kleurrijkkleurroik
kliederenprieken
kliekjeprakkie
kliekjeprakkie, lessie
kliekje, restje van etenlessie
Klierdrabber
klinkenklinke
klittist
klomphulft
klompenhutte
klompenhutten
klompenhokhos, hossie
klonterenanbolle
klonterige deeltjes in afwijkende melk door uierontstekingstotjes
klooienstudderen
kluisklús
klussjouw
Klus waar je weinig zin in hebt.teugenopzienderswerk
klusjesjouwtje
klusjessjouwtjes
kneuterig, kleinburgerlijkkakkelollig
knieknies
knieënkniese
knietkniest
knijpersknoipers
knoeienkliederen
knoeienkliekere
knoeienprieke (n)
knoeienprieken
knolaardaker
knoop het in je orendat je 't maar wete!
knop op een priktolnun
knopenbraaien
knorrengnarre
knuffelensnolle
knuppelkneppel
knuppelskneppels
koekoei
koe die melk bij een andere koe drinktmammer
koedijkkoedoik
koekijskoekois
koffie drinkeneen koppie doen
koffie drinkenkonkelen
koffiepauzekoppiestoid
koffietijdkonkeltoid
koffietijdkoppiestoid
koggenlandkoggeland
kolenkôle
Kolhornk'lorn
kom eens even hierkom es efkes hiro
komenkomme
komendankomd
komijnekaaszeidjeskeis
kon jekôjje
konijnknoin
konijnenknoine
konijnen keutelknoinekeutel
kooitjekooike
koolraapreip
koolrapenreipe
kopbak
kopharsus
kop en schotelkombakkie
kopje koffiekoppie
kopje opgewarmde koffiebedelaarskoppie
koppigbobbekop
koppigdwars
koppigsteeg
korstjeroofie (op een wondje)
kostbaardurábel
koudfoin
Koud? Hoezo koud? Wie koud is is lui!
koudefoine
koudekoute
koude (oosten) winddunnig windje
kouderfoiner
kouderefoinere
krabskurk
krabbenjorren
krabbenskurke
krabtskurkt
krakkemikkigkrammenakkug
krasskras
krassenskrasse
kreegkreg
kregenkrege
krengenkrenge
krijgkrag
krijgkroig
krijg jekrejje
krijgenkregge
krijgenkrogge
krijgenkroige
kroatiëkroaâsje
krokussenkrokusse
kuchenbremme
kuchen om aandachthemme
kuikenpul
kuildel
kuiltjekoetje
kuipbalie
kunnenkenne
kunnenkinnen
kurenflinke
kuszoen
kussenkusse
kwaadkraet
kwajongenBasseroet
kwajongenbazzeroet
kwajongenguil
kwamenkwamme
kwartier (van een koeienuier) vurrel
kweek (gras) togel
kweekgras (onkruid) spruut
kwiek, fitaalfieter
kwijtkwoit
kwijt, zoekpoter
kwikstaartbouwermannetje
kwikstaartwupsteert
kwikstaartjewupsteertje
kwikstaartjeswupsteertjes

L

laagleêg
laagleig
laag waterflauwk
laarzenleerze
laatleite
laatstiemeslesten
laatstlest
laatstlesten
laatstelest
laatsteleste
lachengrielen
lafaardbangeskoiter
lafaardbroekeskoiter
laffaardbroekeskoiter
lage plek in een weiland/bouwlanddel
lagedijkleigedìk
lagehoekleigehorn
lagerleiger
lagereleigere
lagere schoolleigere skoôl
lakseppetrut
lambertschaaglambertskaag
lamstraalFloepa
landschaplandskap
Lang dun mensSluuf
langedijklangedoìk
langedijklengedìk
langer wordenlenge
langereislangerois
langsbailangs
langsbailengs
languitalderlangst
langzaamlenigan
langzaam aanleniggiensan
langzaam aan doenkoeterdekoet
langzamerhandallèskende
lappendekenbedelaarsdeken
Last hebben van 'ochtendziekte'Ochendig weze
later in de weekeerdags
latten bodembeddelanes
lattenbodembeddelanings
lawaaibehaai
ledenlêde
leekerweglekerweg
Leeuw van een ventrouwdouwer
leggenlègge
legtleit
lekkergonje
Lekker genieten in 't zonnetjeSpragen
lekker stukstoôt
lekker vies thuiskomente prutdarse weest
lekkerdingtokkel
levenlustig kindbatter
leverworstloert
leverworstenloerte
lichaambarst
licht gezwollen (bij een uier) don
liefepper
liefpitteg, snokker
liefpittug
liefzoet
liefdesverdrietlùddevedù
liegenliege
liegtlíege
liepenliepe
lietliete
lietenliete
liggenlègge
ligtloit
lijkdooie
lijkloik
lijktloikt
lijnseêl
likslik
likkenslikke
liktslikt
literkan
loempiaamandelbroôdje
logéwarskipper
logé (e) warskipper
logeewarskipper
logerente warskip
logerente--waskip
logerenwarskip
logerenwarskippe
lolskik
lompheidlompighoid
looflouf
lopenloupe
losbandige grietdel, drel
luchtbandenluchtbande
luierenduisdoorne
luiheidluiighoid
luizenluize
lummelenlanterefanten
lunch (vroeger avondeten ) broôdeterstoid
lustblief
lustelooshamelewamelig
luwteoppertje
luxemburgluûksemburg

M

maandagmaandeg
maandenmaande
maartmeert
macedoniëmassedoônje
machine om aan te aardenaneerdmessies
machtig eteneterig
magmajje
mag jemajje
magerskongkug
magerskriel
magerskroukug
mager, dunenkeld
magjemajje
mailenmaile
makenmake
maneschijnmaneskoin
manierbeniér
maniermenier
mankeertbekèrt
mankerenbekère
mankerendebekèrende
mannenmanne
mannetjemanje
manufacturenhandellappiespoep
marktmarrekt
marktmarrekte
marktkraammarrektkraâm
marktkraammarrektkrâme
massastuit, zoôd
massa grote hoeveelheidzeelt
matras op schuddenbedskudde
medemblikmemelik
meegenietenmeegeniete
meelpapprol
meerkoetriethen
meestmeist
meestemeiste
meestermeister
meesterknèchtbaasknècht
meetmeit
meevallermeevalder
meevallersmeevalders
meezittendaaie (as ut daait kregge we 't nag klaar)
meimai
meidmoid
meidenmoiden
meisjemoidje
meisjewaifies
meisje dat aanstellerig lachtgriel
melkzakjaâr
melkzeeftemus
men moet nu eenmaal keuzes maken in het leven.'n mins ken gien twei here diene.
men moet zich kleden naar de weersomstandighedenDoen een doek om je nek en een pet op je test aars kreg je 't nag voor je ster.
menenmiene
mensmins
MenseTientône en elfribbe
mensenminske
menstruatieopoe op bezoek
mestmis
metmit
met een korst vuil bedekt woordenankorste
met groote stappen lopenbanjere
met grote moeite en ontoereikend materiaal een klus proberen te klarenmeddere
met grote passen lopenbaandere
met smaak etenmuize
met smerige schoenen de vloer bevuilenslobbe
met stomp mes snijdenpiele
met vuile vingers betastenbegrieme
meteendrekt
metenmeite
microfoonmikrofoôn
mijmoin
mijnmoin
mijn handen zijn kapot'k hew stikkenege fleike
milkshakeskuddelmelk
milkshakesskuddelmelke
minder leuk karweitje'n haidens karwoi
minderensakke
minderenzakke
minutenmenute
minuutmenuut
misschienmeskien
misschien heb je wel gelijkmiskien het je wel gloijk
mistiganhangerig
mistigdei (n) zig
modelmèdel
modernnuwerwes
moebekaf
moebekof
moelouf
moenachtig
moe zijnd'r mee an wezen
moedigbanjer
moeilijkpittig
moeilijk te besturenbalsturig
MoerbeekMorrebok
moestmost
moestenmoste
moetmot
mòet dat nou?het dat nòdeg?
moet jemoetje
moet plassen!moet moin goit verseele
moetenmoette
moldaviëmoldaâvi'je
mondbakkes
mondwifwaf
monstermunster
mooimoi
mooisnokker
mooi weergnap weer
mooie meidstuk
mooiheidmooiighoid
mopperenbere
mopperenbobberen
mopperengnarre
morgenmorrie
morgenmurregen
Morgensanderdaags
morsenkladde
morsenprieke
morsenprieken
motorbootmetór
motorfietsmôter
motregenmiggelen
motregenachtigmotterig
motregenengranzen
motregenenmiggele
motregentmiggelt
motsneeuwensnokken
mufbedompen
mufbedompt
mugmeg
mugge vliegenmigge
muggenmegge
musmosk
musjemoskie
musjesmoskies
mussenmoske
mutsmus
muziekmeziek
muzikantmezikant

N

nanei
na de bevallingoudkraams
Na de verhuizing alles op orde hebbenOp stel wezen
na de volgendeaâr ........over
na-apenna-eipe
naaktnakend
naarnei
naar achteren staandinverdan
naar bed gaannei bedjedeken gaan
naar meermerig
naastbezaaien
naastgeneven
naasteneiste
nabijneist-an
nadenkenspinzen
nageboortelich
najaarsmarktennagjeersmarrekte
najagenbejagen
nakomertjeachterankommertje
nakomertjeachterkommertje
narigheiddalje
natte dweilklisse voil
natuurnetuûr
natuurgebiednetuûrgebied
natuurgebiedennetuûrgebiede
natuurlijkfezélf
nederlandneerland
neenei
neergeschotenneerskoten
negen neugen
negenentwintigneugentwuntig
net gekleed gaanvoor de kraam om kenne
netjesfieterdefointjes
netjesgnappies
nette kleren, speciaal voor zon en feestdagensundessegoed
nette pak (kostuum) opknapperspak
neveligdei (n) zig
nibbixwouderkriel
niedorpnierup
niervet van een rundlongstalling
nietneit
niet eensgeniens
niet eensgeniesse
niet eensgeniessen
niet eensnaggeniessen
niet goed doorbakkendaaiig
niet lekker voelenben niet erg hups
niet meer in de sinterklaas gelovengortig
niet meer in Sinterklaas gelovengortig wezen
niet meer in sinterklaas gelovendgortig
niet moeilijk doenniet te bestrukkerig
niet naar bed willen gaanspoke
niet te vindenpoter
niet uitgebibberd rakenbebubberen
nieteensgeniese
niets doenlanterefanten
nieuwnuw
nieuw-zeelandnuw-seêland
nieuwenuwe
nieuwe niedorpnuwe nierup
nieuwe steennuwe stien
nieuwelingnuw
nieuweschierigheidnuwskierighoid
nieuwsnuws
nieuwschierignuwskierig
nieuwschierigheidnuwskierighoid
nieuwsgierige aagjesaagies mit lange neuze
nijdigarendjes
niksnietsie
niks doenlantefantere
noemenneamme
nognag
nog een keernaggers, naggeres
nog eensnaggers, naggeres
nog niet eensnagge niesse
nog steeds nietnaggeniessen
nogalnagal
Noord ScharwoudeNoord Skarwou
noôrd-brabannoord-brabant
noord-scharwoudenoôrd-skerwou
noord-spierdijknoôrd-spierdìk
noorddijknoôrddìk
noordermeernoôrdermare
noorwegennoôrsje
nootneut
nootjeneutje
nootjesneutjes
nootmeskaatnoôtemeskáát
normaal doenbedare
nounôh
nunou
nuffigepper
nummernommer

O

oôh
obdammerdijkobdammerdìk
ochtendoggend
oekraïneoekraiene
ofaf
ojaôhja
okseldoekasseldoek
omabeppe
omaopoe
omgeredenomreed
omgevingaverôm
omgevingaverôns
omheinenbehoine
omhoogomhoug
omkijkenomkoiken
omkijkeromkaiker
omringdijkomringdoik
omvangbegaafte
omwegommetje
onaangenaam vrouwmenskratus
onbenullig iemandflapdrol
onbeschoftbuffelig
onbeschoft iemandskobberdebonk
onbijtkoekberespek
onder geen bedingbedengst
onder geen bedingbedenk
onderbroekfuk
onderbroekonderfuk
onderbroekenonderfukke
onderdijkkeut
OnderdijkOnderdoik
onderdijkerkeuter
onderhemdborstrok
onderschat financiele problemen nietsentepoin is ok poin
onderste veenlaagdarg
onderwijsonderwois
onderzettertreêf
ondeugend kinddonderstraal
ondiepflook
ondiepvlook
oneffenrobberig
ongecontroleerd kort rillenpisgril
ongeloofongelouf
ongelovigongelouvig
ongelovig (niet katholiek) haidus
ongeregelde kleine handelswarennegosie
ongewone dingenampartighoidje
onhandelbaaraalwerig
onhandelbaaralewerig
onhandigdreutelig
onhandigstoetelig
onhandig meisjeeppetrut
onhandig persoonoetel
onkruidheune
onkruidkwaatjes, vuile
onkruidontuig
onkruidzes
onkruid wiedenkwaatjes zoeken
onmatig etenbalge
onnadenkendachterdocht
onnodig grof doenskobberdebonkug
onnozeldeizig
onregelmatigbankig
onsoôs
onthoudenbenoupe
ontrievenbenoupe
ontzettendgruwelijk
onvruchtbaarbar
onwaarschijnlijkonwaarskoinluk
onzeoôs
onzedelijkbedeidelek
Onzin vertellenje teute maar wat
ookok
ook weeralweer
oorbelbag
oorbellenbagge
oorlogoorleg
oorveeganwaaier
oorveeganwoier
oorwormorekruiper
oorwurmorekruiper
oosteindeoôstende
oostenrijkoôstenrìk
oostenrijkeroôstenrìker
oostenrijksoôstenrìks
oostenrijkseoôstenrìkske
oosterboekelwegoôsterboekelwei
oosterdijkoôsterdìk
oosterwijzendoôsterwìsend
oosterwindsore wind
oosthuizenoôsthúze
oostmijzenoôstmìsen
op 'n hoek en 'n kant staan zoenen/vozenHaarlemmerdoikies
op 't nippertjehippie
op baars vissenbeerze
op een gegeven momentopslot
op elkaar lijkenop mekaar rooie
op hopen zettenoppere
Op schema zijnskoôn voor weze
op school zittenskoôlloupe
op wegop roet
op zijn duvel krijgenbarstjansen
opabup
opdiepebediepe
opeensinienen
opeensopiens
opgeborgenonderbrocht, opskuild
opgeroldoprold
opgeruimdvanderdan
opgeschrevenopskreven
opgewarmde koffiebedelaarskoffie
opgewondengruizig
opgewondenopredut
ophitsenopjuine
ophitsenopstoukele
ophoudenuutskaie
opjagenanskiete
opjagenbeize
opjagenboize
opknappenopdiggele
oplawaaianwaaier
oplawaaiopmieter
opleverenantikke
opmeeropmar
opnaaiselbessel (tje)
opnieuwopnuw
opoeoôtje
opritopreed
opruimenopredde
opscheppenswesse
opschepperbanjer
opscheppergroôtebroeker
opschepperswietslaander
opschepsterswietslaandster
opschietenanpouke
opschrijvenopskroive
opschuivenopskikke
opslagplaats voor vaste mestmispet
opstandige jongeluihoidese kainders
optellenantelle
opvliegeranvlieger
opvouwenopkreuke
opwegoproet
orenkruiperorekroiper
oudgammel
oud en gebrekkig, krammenakkug
oud wijf opoetet
Oud wijfOpoetet
oudbakken speculaasbolle spikkelaas
oudeouwe
oude (zachte) koekbolle koek
oude kopjesakkerkoppies
oude Niedorpouwe Nierup
oudendijkouwe dìk
oudijkouwdìk
oudijkouwedìk
overal met de handen aan zitten, onrustig heen en weer bewegenfiemele peuteren,
overal met de handen aan zitten, onrustig heen en weer bewegenfriemele
overdrijvendie komt van Grôte Broek
overeenkomenakkerdère
overgebrachtoverbrocht
overgevenspaaie
overhemdhimdrok
overijsseloveraissel
oververmoeidmeer as loof

P

paardpeerd
paardenpeerde
paardenbloempeerdeblom
paardenbloemenpeerdeblomme
paardenkrachtpeerdekracht
paardenvleespeerdevlois
paardenweidje naast boerderijkroffie
paarspeers
padpod
pak op de billenbillekoek
pak rammelribbesmeer
pak slaagsleêg had
palingpeeling
pannekoekpankoek
pannenkoekpankoek
pannenkoek makenpankoeke
pannenkoekenpankoeke
papprol
passantvoorboiganger
passenvlaaie
pastvlaait
patatpetat
patatsauspetatsuu
patattenpetate
PedantPermantug
pedicurepôte-opgnapper
pedicuretienefrouw/man
peen en ui stamppotuienenwortulleprak
peerbolle wies
pen of potloodskroifie
peperemuntpumperremunt
perceel gras- of bouwlandstik
peuter, kindkoter
peuterenfummele
peuteren, fiemele
pijnpoin
pissebedbeddepisser
plaaggeestnarrebok
plaatsplaas
plaatsplaasie
plaatsenplaasse
plakkerigliemerig
plankslaggie
plasticplestik
playerknointje
plezierskik
ploeterenezele
plotselinginienen
plotselingop 'n bof
pluisjeploester
pluisjesploesters
pluizenpluze
plukkenplokke
poepenskoite
poetenpote
pohlmanppohlman
polenpoôle
polenpoôlen
politiede tuut
politiepliesie
pollepelsleef
polsstokboereplomp
polstokplof
poolsepoôlske
poppopke
popjepopke
porceleindiggelegoed
portefeulleboekie
portemonnaieknip
portemonneeknip
portemonneepuut
portiekhossie
portretpretret
portugalportegal
portugeesportegeês
portugesevan portuhgal benne
potenpote
potlodenpotlôde
praatjesmakeroud geweer
praatjesmakerswesser
prachtigswiet
prakkiserenprakkesere
pratenprate
preciespersies
precies wat ik wilkrek wak wou
prikkelbaarnittelig
prikkeldraadpuntdreid
primamerig
pronkswiet
provinciaalprovinsjaâl
provincieprovinsie
prutsenpiele
prutslootjeproel
publiek verkopenbalk
puffenbeize
pulkenpulleke
punaisepinessie
purmerendpurremereutel
putemmertjeaker
pyjamapiemelevlot

R

raadgevingenraâdgevings
raapreip
raarkuuks
raarleukeg
rakenrake
rakkerBasseroet
ramenglazen
randje vet van een stuk vleeszulder
rare kwibuskruikeduiker
rare strekenkure
rare streken uithalenuitkure
ratrot
reactiereaksie
rechtsregs
redenreeje
refreinrefroin
regelenbehèrebère
regelenbekleutere
regelenbestoetele
regenachtigregenig
regionieuwsregionuws
reigersroigers
rekenenrekene
relaxenspragen
remspoorflurt
restauratieresteraâsie
reumatischrimmetiekig
ribbenribbe
rietachtigriedig
rietkantenrietkante
rietwortelspier
rietwortelsriettogels
rijraâi
rijdenroie
rijkroik
rijkdomroikdom
rijke erfenisachterland
rijmroim
rijmenroime
rijstroist
rijtjeraaitje
rillen van de kouhufteren
roderoôie
rode steenroôie stien
roemeniëroemeênje
rokerigharig
rommelonruim
rommeltriefel
ronddwarrelen van de winddwere
rondkijkenstrûne
rondkruipen, rondwaggelen van jonge kindjesrondskottere
rouwdouwerhutkoeter
rozeros
rozijnrezain
rozijnenrezaine
rozijntjerezainje
rozijntjesrezainjes
ruigefoest
ruige gastrauzer
ruiklucht
ruikenluchten
ruimtevaartruimteveert
rukkenhenken
rupsruip
rupsrup
rustenburgrusteburug
rustig aandooie akkertje
rustig aandoenbedare
rustig werken aan kleine klusjeskoetele
ruwreêw, riw
ruwrobberig
ruwe kerelbattevier
ruzieaksie
ruzie makenklamme
ruzie stokenopjûne
ruziemakerherreketek
ruziezoekertroiterharsus

S

sacramentenakkeremente
samengesteldsamensteld
samuelkendrick
sapsop
sausstip
saussuu
schaalskaal
schaamdeelbarmt
schaapdeef
schaapskeip
schaapskijp
schaapjesskeipies
schaarskeer
schaarsskaârs
schaatsenskaase
schaatsenskóiseroien
schaatsenrijdenop skóise staan
schaatserskaaseroier
schaduwskad
schaftskoft
schaftenskofte
schagenskagen
schagerwaardskagerweard
schampere opmerkingsnier
schapskeip
schapenskeipe
schapenkaasskeipekeis
schardamskaerdam
schardamskerdam
scharwoudeskarwou
schattigpitteg
schattigpittig
schattigsketig
schede van koe, schaap, varken e.d.kling
scheefwoinsk
scheelskêlig
scheenskien
scheet latenskeêt geve
scheet/harde windbroekhoest
scheikundeskaikunde
schelenskêle
schellinkhoutskellinkhout
schelpskellep
schelpenskellepe
scheluwwoinsk
schelvis van slechte kwaliteitapekoôl
schemertweilicht
schemerigtweilichtig
schemeringtweilicht
schermerskirmar
schermerhornskirmarhorn
scherpskerp
Schertsend voor; een hoge hoed'n Foifkop
schevewoinkske
schietskiet
schietenskiete
schijntskaint
schikkenfernuvere
schilferskulfer
schilferenskulfere
schilfertskulfert
schillenskille
schilverskulfer
schilverenskulfere
schimmelausk
schimmelgeurauskege loft
schipskip
schitterendskitterend
schitterendskoftig
schitterendeskitterende
schoenskoen
schoffelskoffel
schoffelsteker
schoffelenskoffelen
schofterigskoftereg
schooierskobber
schoolskoôl
schooltijdskoôltoid
schoonskoôn
schoonmaakdoekdwoil
schoonzussnaartje
schoonzustersnaartje
schoorldamskorledam
schortboezel
schortboezelaar
schortskulk
schotsskos
schotsenskosse
schouw (sloot schoonmaken) flosse
schraalsproôs
schrale lippensprôze lippe
schreefskreêf
schreeuwenbalke
schreeuwenblèrre
schreeuwenskreeuwe
schrevenskrêve
schrijfskroif
schrijf opskroif op
schrijft opskroive op
schrijvenskroive
schrijvenskroiven
schrijven opskroive op
schrijverskroiver
schrijversskroivers
schrijversgroepskroiversgroep
schrijversgroepenskroiversgroepe
schrikferskiet
schrikkenferskiete
schriktferskiet
schuifskik
schuif onder de beddeplankbeddeskuif
schuiftskikt
schuinskûn
schuin toelopendfok
schuivenskikke
schuldskuld
schuldenskulde
schuurboet
schuurtjeboetje
seizoenensaizoene
SelsSels
sensatietensaâsie
serviëservi'je
serviesgoeddiggelewerk
shuilhokjearootjese
sigaarsegaâr
sigaretsugret
SijbekarspelSoibekarspel
SimmerSint Maarten
sinaasappelappelesien
sindssond
sint maartensimmer
Sint MaartenSintere Maarten
Sint Maarten (dorp)Sunt Mearten
Sint Maarten lopenKeuvelen
Sint PancrasSundebankreas
Sint PancrasSuntereip
sinterklaassunterklaas
sinterklaas vierensunterklaze
sitesait
sjagrijnig zijnde bokkepruik ophebben
sjonge jongedjoi djoi
sklein stukjesnibbelke
slaâisleg
slaanbeuken
slaapsleip
slaaptsleipt
slabbetjebapje
slagenbedaaie
slalommenslalomme
slanksluuf
slapbandigbandeloos
slapenloere
slapensleipe
slaperigsleiperug
slappe kostwup-wap
slappelingslap-ses
slapperiggsloe
slechtboôs
slecht gekleed gaand'r insteke as 'n boneskauf
Slecht volkPeerdevolk
slecht volktwaide soort
slechte gewoonteanwenst
slechte kwaliteitwup-wap
slechte kwaliteit (timmer) houtwaaibome hout
slechtsallien
slechtsallienig
slegslaâi
slentersaggel
slenterensaggele
slentertsaggelt
sleufslufter
slikslok
slikkenslokke
sliktslokt
slinkpuur
slofbol
slootje (klein) wik
slootwatersloôswater
slootwatersloôtswetter
slotenslote
sloveensesloveênske
sloveniësloveênje
slowaakseslowaâkske
slowakijeslowaâkje
sluiksluk
sluipenglupe
smakzoensmok
smeerboelbrat
smeerlapsmiecht
smerigkladdig
smerigslobberig
smuriebrat
snackbarvetskuur
snauwbeer
snauwebere
snauwenbere
sneeuwsnei
sneeuwsnei, sniw
sneeuwbalsneibal
sneeuwen (heel veel) dikee sneijacht
sneeuwen (heel veel) dikke sneijacht
sneeuwen, (zachtjes -) krokkelen
snelgauw
snertkindkoelich, snotkiekel, verveu
sneunoselek
Sneu / DomSkraal
snoepsnob
snoepensnobbe
snoepensnoeien
snoepersnobber
snoeperijsnobberaai
snoepgoedsnobberaai
SnoeprijSnaai
snoepstersnobster
snoeptsnobt
snotneussnotbriebel
snuffelenstrune
sociaalsosjaal
socialesosjale
soeplepelsleef
somsaltemet
soort vansoortig
spanjespaânje
speculaasspikkelaas
speeldenspeulden
speelsterspeulster
spelspul
spelenspeulen
Spelen (kinderen) ravotten, hoskerebatten
spelerspeulder
spelerspeuler
spelersspeulers
spelletjespultje
sperzibonensparriebienen
sperziebonenslabône
sperzieboonslaboôn
spierdijkspierdìk
spijkerspikker
spijkerspoiker
spijt hebbenbegrôte
spijtigbegrôtelek
spreiden (van een deken) om woid doen
sproeier, sproeikopbroes
spruitspruut
spruitenspruute
spugenkwatte
spullen van slechte kwaliteitwupwap
stastan
staanstane
staatstane
stadstee
stallen schoonmakenstallen rode
stampenstampe
stampvolstenvol
stankmeur
stationstasjon
stede broekstee broek
stede niedorpstee naairup
stedenstede
steedsallemaar
steedsoftig
steeg steig
steegachterom
steek daaspoep mig
steektsteke
steelklauw
steeltklauwt
steenstien
steenkoolstienkoôl
stefaniestiefanee
steigerstelt
stelenklauwe
stenenstiene
sterke aandrangachterlast
sterrensterre
steunanhoud
steun muurtjebeer
steunensteune
stevigskredig
stiekum kijkenglouwe
stijfstoif
stijgenstoigen
stijl en stug haarzeugesteerteheer
stinkenmeure
stinkenmeuren
stinktmeurt
stoerbrat
stoermans
stoere meidleeuw (líw)
stof afnemenuitneme
stofdorpeldrumpel
stofferasvarken
stoffer en blikstoffer en vullesblik
stofvegerasvarken
stokenstouke
stolpstallep
stolpboerderijstallepboerderoi
stolpenstolpe
stom dronkengeiteblauw
stomdronkenkachel
stomenstieme
stommerddruul
stommerdstruul
stommerikstruul
stondstin
stondsting
stondenstinge
StoofVuurduveltje
stoomstiem
stoppelsbèkem
stortplaats voor asaskuil
stortplaats voor tuindersafvalbolk
straatstreit
straksaassus
straksdéimie
StraksDemie
strakskrekt
Straks, zoAarstonds
stralenstrale
stramkrammenakkeg
stratenstreite
streep van wolkenbank
strijdstroid
strijktstroikt
stro-afval dorsengruide
stroefeggig
struikelstoukel
struikelenstoukele
struikelenstroffele
struikelenstroffelen
StruikelenStroffelje
struikeltstoukelt
stugsteeg
stuikelenstroffele
stukan diggele
stukbonk
stukstik
stukjebonkie
stukjestukkie
stukjesstukkies
stulpstallep
stuursnarrug
sufferddrollebokser
sufferdstruul

T

t-shirtt-hippie
taaiheidzenig
taartteert
tafelzeiltjeswilk
talenttelent
talententelente
te bejammerennaozelijk
te gek!onwais!
te gek!skoftug!
te keer gaanangaan
te kijkte koik
te laat komenhoorns kwartiertje
te logerente warskipe
te veel wordenanvliege
teentoôn
tegenteugen
tegen opbai be-op
tegengaatteugengaat
tegeninteugenin
tegensputterenabbelére
tegenvallenofvalle
tegenvallerofvalder
tegenzittenteugendaaie (as 't teugendaait wordt 't niks)
telefoontillefoôn
televisieglouwdoôs
televisietillevisie
telkensweeral an
tenentône
tengereng
tenminstetemiste
terdiekterdeek
terecht komenbedare
terechtkomenbedare, ofkomen
tersluisterslûs
teveelteveul
texeltessel
thuisthús
tierelantijnentierelantoine
tierenbaljare
tijdtaid
tijdtoid
tijdentaide
tijdens de winterwinterdegs
tijdens de zomerzeumerdegs
tijdjetaidje
tijdstiptaidstip
tochevengoed
tochtag
toch (maar), desondanksevengoed
toch?dink?
tochtsnorrel
tochtsouging
tochtensouge
tochtenzoige
tochtige koestoeier
toeta
toedrinkenandrinke
toentoe
toneelteneêl
tonelentenelen
tong verloren?zegge we noiks meer?
tot aanan....toe
tot aanbai toe
tot ziensde marzel
touwseêl
touwtje springenbochtippesse
touwtje springenbochttippen
trappentrappe
treintroin
treiterenkoeieneren
trekmiersk
trekneêzig
trek hebben (eten) miersk
trek in hartigmiersk
trek in hartigneêzig
trekwindsouging
treuzelendangele
treuzelen kletsenteute
treuzelenddreutelig
troffentroffe
trotsgroôs
trotsgroôsk
trotsgroosk, kuin
trotsprat
trots opprat op
trottoirstoep
truifrok
truienfrokke
tuinentúne
TuitjehornToutjehorre
tuitjenhorntuutjetuut
TuitjenhornaarTuuter
tulptullep
tulpentullepe
tussentwisken
tuurlijkfezelf bok
tweetwaai
tweedetwaide
tweedetweide
tweedetweidse
tweedehandsandermans
tweeentwintigtweientwuntig
twintig twuntig
TwiskerGladoor

U

uisiepel
uiswiebel
uierjaâr
uituitheinig
uituut
uit de plooi brengenbefummele
uit de war halenuuttisse
uit logerente warskip
uit logeren gaante wârskip gaan
uit logeren gaante warskippen gaan
uit slapen/logerente warskip
uitbaggerenslóte
uitbundig feest vierenbatteviere
uitdrukkingenuitdrukkings
uiterlijk vertoon / van standstaanuut
uitgebrachtuutbrecht
uitgelatenuutleiten
uitgelaten zijngraskalleverig
uitgelegduutloit
uitgestrektuutstrekt
uitglijdenglisse
uitglijdenuitzullen
uitheiniguitheinig
uithuizig persoonflort
uithuizige vrouwflort
uitlatenuutleite
uitlikkenuitslikke
Uitroep van uiterste verbazingôh
uitschotbarrel
uitslapenuutsleipe
uitstellenferstelle
uitvluchtenkonkelefoesies
uitvretenuutspouke
uitvreterluisnek
uitvreterskúffieslauper
uitwijkmogelijkheidachterdeurtje
utrechtuutreg

V

vaakoftig
vaakoftug
vaalgoor
vaarboomkloet
vaargeulslufter
vaatdoekjedwoiltje
vakantiefekansie
valkkoogfalkekoeghe
vanfan
van allesallies
van allesiefie en aafie
van eikenhouteken
van mefamme
van mijnfamme
van rietriede
van vrijen word je magerwie vroit die sloit
van vrijen wordt je dikwie vroit mit zin die groeit 'r teugenin
vanaffanof
vandaagfedeg
vandaanfedaân
vandaarfadeer
vanillefenielie
vanochtendfenoggend
vanzelffezelf
varkenbaken
varkenstoeten
varkenshoktoetenboet
vastbakkenanbakke
vaticaanfatikaân
vaticaanstadfatikaânstee
vee kopen en doorverkopen op de marktskosse
veelfeul
veelpuur
veelzoôt
veelvuldigoftug
veenhuizenfenenhúze
veilingfoiling
veldhuisfeldhús
venhuizenfenhúze
ventje, mannetjemanje
vervier
verdeeldferdield
verderfeerder
verdienenferdiene
verdientferdient
verdrietatlast
verdrietigbeloôrd
verdrinkenfersoupe
verdronkenfersôpe
verenbedbedjeveer
verffurf
vergaderenfergâre
vergaderingfergâring
vergarenbegaddere
vergeetachtigfergetelek
vergelijkenfergeloike
vergelijkingfergeloiking
vergietgatemetiel
verhaalferhaâl
verhaaltjeferhaâltje
verhalenferhâle
verkeringskarrelderaai
verkering zoekenanslag
verkleumdknoffelig
verkoopsterferkoupster
verkoperferkouper
verlangenferlengst
verledentijdferledentoid
verliefd kijkenjong hondig koiken
verliezen (iets) strooien
verlorenstrooit
vermaakdivessementje
verminderenfersakke
vermoeidbedeerd
vermoeiddwars of
vermoeidloôf, louf
vermoeidstek of
vermoeid ogendverboefd
vernieldofjakkerd
vernielenofjakkere
vernielenrinnewere
versfris
verschilferskil
verschrikkelijkgodschruwelek
verschrikkelijkjerubel
verstoppenskuil stoppe
verstoppenskuildouwe
verstoppertje spelenbroodeterstoid
Verstoppertje spelenOpskuilertje speule
verstoppertje spelenskuildoekesse
verstoptskuildouwt
verteertfernert
vertellenbeluie
vertellenfertelle
vertellingenvertellinkies
verteltfertelle
verterenfernere
vertrekkenfortgane
verveelferveul
verveeldferveuld
verveeltferveult
vervelenferveule
vervelend doenettere
vervelend gedragbelabullugoid
vervelend kinddrabber
vervelend zijndrabbere
vervelende kinderenkenge fan joôs
vervelende knuldrabber
vervenfurreve
verwaaid wasgoed (lakens) woinske lakes
verwaarlozenversloere
verwarringalderasie
verweguitelemalte
verwennenbekoetele
verwerkenfernere
verwerktfernert
verzadigd zijngrond voele
verzamelenbeggadere
verzettenfersette
veterbandachtertein
veulenfoôl
viaductklugt
vierentwintigfierentwuntig
viesbah
viesskarremot
viezigskarremottig
viezig en kleinskobberdebonkie
vijffoif
vijfentwintigfoifentwuntig
vijftigfoiftig
vijligheidfoilighoid
vindenfinde
vinderfinner
ving (verl. t. van vangen) fong
vingerfik
vingersfikke
vingers, handenfikke
visfisk
vissenfiske
visserfiskerman
vistfiskt
vlaprol
vlakbijneist-an
vleermuisflaremuus
vleesfleis
vleugelwuuk
vleugelswuke
vliegmig
vliegenmeppermiggeklap
vlierbesflareboum
vlies velfluus
vlonderpost
vochtigsloeg
vogelfeugel
vol rietriedig
volgensneffens
voorfeur
voor veeteelt, gras of hooibouw gebruikenbeboere
voorbehandelen van een koe tbv het melkenwurrepele
voorbereidingfeurberaâjing
voorbereidingenfeurberaâjings
voorbijfeurbai
voorbijgangerfeurbaiganger
voordelige koopjes aangeschaftkaupies opdain
voordurendalgedurig
voorgelezenfeurlêzen
voorhuisforus
voorkomenankoik
voorlezenfeurlêze
voorlopigfeurloupig
voornamelijkbenamelek
voorschotenfeurskoten
vooruitfort
vooruitgaanavesère
Vossemensebeultje
vragenfrage
vreemdkuuks
vreemdleukig
vreemd / raarsnokker
vreesang
vrees aanjagenange
vreselijkfreiseloik
vretenbunkeren
vretenfrete
vriendenvriende
vriendinnenfriendinne
vrijfroi
vrijdagfroideg
vrijefroie
vrijetijdfroietoid
vrijheidfroihoid
vrijwilligerfroiwilliger
vrijwilligersfroiwilligers
vrolijkfrolek
vrouwwoif
vrouw die weet te genietensnoepdoôs
vrouwelijk geslachtsorgaantruil, meut
vrouwenvrouwe
vrouwspersoon die allemaar an de flort iswegskaip
vruchtbare grondgaile grond
vuilslobberig
vurigbrandheit
vuurfik

W

waarweer
waar ben jij geweestweer ben joj weest
waar kan jij nou moe van wezen?weer ken jai nou louf van weze?
waarbijweerbai
waardeloos mensbel
waarinweerin
waarland't waardland
waaromweerom
waaromweervoor
waarschijnlijkwaarskoinlijk
Waarschuwing gevenscrebering geven
wachtenwachte
wadwaywadwei
wagenschuur v. boerderijdars
wagenwijdwoidwagen
waggelend lopenbaaiere
walmstiem
walmen (van een kaars) loeven
wandelenstiefelen
wanproductmisdaaier
warsnol
warderwaerder
warenware
warenwazza
warenwazze
warmwerm
warmenhuizen/ tuitjenhornWarmetuut/ Tuutjehorn
warmenhuizerWarmetuuter
warmtestiem
waswask
wasdagwaskersdag
wasdoekswilk
waslijnwie vroit die dloit
wassengrobbele
wassenwaske
watwes
wat andersien wat aars
wat danwat den
wat doe jij stoerdoe niet zo mans
wat erghielsverskrikkeluk
wat had je gedacht?wat hatte je den docht?
Wat is dat erg.Das ok hilsverskrikkeluk.
wat voorhoeke, (hoeke spoikers wou je hewwe?)
wat voor eenhoentje
Wat voor een had je, had je er zoeen?Hoentje hadje, hadje zontje
wat voor een?hoentje?
Wat zie je er grieperig uithew je een klap van de meêlzak had
waterhoenriethen
waterplantflap
watvoorhoenien
wauwelenteute
websitesait
weer een kind krijgenóverwinne
weetwete
Weetjewelzai
weganverdan
weg (verloren, niet te vinden ) poter
weg gaanvortgaan
wegglijdenzulle
weghalenweghale
wegsturenvortsture
wegwezen!ruiterere
Wegwezen!Ruiterere!
weiwaâi
weideventje
weidewaâide
weidjeventje
weigerdewoigerde
weilandwaâiland
weilandenwaâilande
weinigwoinig
wekenweke
welwelderus
welwol
wel eenswelderus
welhaasthippie
WelkeHoekes
wensenwense
wentelteefjesverlôren broôd
werdenwerde
wereldwirreld
werelddeelwirrelddeêl
werelddeelwirrelddiel
werelddelewirrelddele
werelddelenwirrelddiele
wereldoorlogwirreldoorleg
werkelijk waarweerrachtig
werken aan allerlei klusjessteerte
werkjasjebonker
werklijk waarweerrachtig
wervelwindtwirre
wervershoofwerfershouf
wervershoverGommer.
westeindewestende
westerbuurtwesterbuur
westerwijzendwesterwìsend
westfriesewestfrieske
wetenwete
wetenwitte
wetenschapwetenskip
wezelwezeling
wezelswezelinge
wie zijn je ouders?toh joh, van wie beh joi dr ien?
wiegnaan
wieringenwirringe
wijwai
wijwullie
wij zijn de broertjes van het plattelandwoi ben de broertjes van t platteland
wijdbeenswoidbiens
wijdenesvenès
wijfjewoifke
wijk woik
wijkenwoike
wijkt afwoikt of
wijmersvenèrs
wijzendwìsend
wilwouw
wilwul
wilwulle
wild meisjehekkespringer
wildewouwe
wilde harn nog niet verlornnanniet uittuult
wilde rakkerbasseroet
willenwulle
wiltwulle
windwoind
Wind mee (op de fiets) feur de wind
winderigheidbroekhoest
winderigheidbroekhoesterig
windvlaagsnorrel
woelenvroete
woensdagwoennesdeg
woensdagavondbille-eivend
wogmeerwochmar
wognumwoggem
Wognummerkoekvreter
woigerdenwoigerde
wol/garen op een kaartjebrat
wolkenwolke
wonenweune
woningspul
woonweun
woondeweunde
woontweune
woonwijk weunwoik
woordenwoorde
wordenworre
worstloert
WorstWust
wrakkrammenakkug
wroetenfroete
wroetenhoistere
wuiven; zwaaiensjoere

Z

z'nzen
z'nzoin
zaakwaarnemerberedder
zacht en oudbol
zacht stovenmeuke
zachtjes blazenfutere
zachtjes stovenmeuke
zag jezàjje
zagenzagge
zagenzeêje
zak (van kledingstuk ) diesuk
zakdoeksnotlap
zakdoekzaddoek, zardoek
zalzel
zandwervensandwurreven
zatenzatte
zaterdagzaterdeg
zeefgaatemetiel
zeelandseêland
zeermerakels
zeersear
zeer gesteld op gezelschapsels
zeer groot exemplaarknoert
zeer langzaam laten kokenmeuken
zeer onaantrekkelijk persoonverdaigertje
zeer slecht weermoordenaarsweer
zeer trots zijngroôsk as un aap, puur groôsk weze
zeer vermoeid ogendverhouwen
zeer zuinig iemandkniert
zeerdersearer
zeerstsearst
zegzeid
zeggenzegge
zeisoit
zeidzeg
zeidenseeë
zeiszoin
zelfstandigebaas
zenuwseên
zenuwachtigpoin in 't loif
zenuwzinkingsinking
zenuwzinkingensinkinge
zenuwzinkingensinkingen
zenuwzinkingenzinkings
zesentwintigsesentwuntig
zettensette
zeursnark
zeurendranzen
zeurenemele
zeurensnarken
zeurkousdrans, dransharsus
zeurkousdransharsus
zeurkous (jong vrl.) jankziel
zevenseuven
zevenentwintigseuvenentwuntig
zeventigseuventeg
zich zelf kunnen reddenzijn oigen bedoen kenne
ziekelijkmeêuwsk
zielignoseluk
zienbemiereke
ziensiene
zietsiene
zijhullie
zijdeside
zijdewindsidewoind
zijnbenne
zijnbennen
zijnbinne
zijn straatje schoonvegenzijn baantje skoônprate
zilversulver
zilverpapiersulverpepier
zin in een appelZun in ien appel
zit niet goedfoegt neit
zitbankje achter in een roeibootjeachterdoffie
zittensitte
zo
zo eensônien
zo meteendemie
zo nu en danaltemetteres
zo zie je maarsuks maar weer
zo zie je maar weeralwèèr-an
zo'nsô'n
zoalsas
zoalssô'st
zoalssôas
zodrektaan stonds
zoekenbejagen
zoektbejaagt
zogenanpakke
zoietsdattem
zoietssuks, suk of suk
zoietszuk of zuk
ZolderopruimenZolderroden
zomaarsômaar
zomerseumer
zomerdijkzeumerdìk
zometeendemi
zondagsundes
zonderlingaardig
zonderlingamparteling
zonderlingampartje
zonderlingbestruuk
zonderlinghapskeer
zonderlingofkouker
Zonderling; grapjasofkouker
zonetnetseven
zonnensprege
zonnen (in de lente) spragen
zonnetjesontje
zoonswan
zoontjeswantje
zorgsurg
zorgensurge
zorgen dat alles af is en dat je van huis kuntklar werruk make
zorgtsurgt
zousouwe
zoutbroin
zoveelsôfeul
zuchtjeasempie
zuidsûd
zuidsuud
zuid-hollandsûd-holland
zuid-scharwoudesûd-skerwou
zuid-spierdijksûd-spierdaìk
zuidenzuie
zuidermeersudermare
zuidschermersûdskirmare
zuigenlurke
zuigensukke
zuinigbenauwd
zuinigskraal
zuinig iemandkneert
zuinig iemandskrale hond
zulkesukkers
zullenselle
zullenzelle
zuurtjebabbelaar
zuurtjesbusbabbelebus
zwaagsweach
zwaagdijksweachdoik
zwaagdijkzwadoik
zwaagdijk-oostsweachdoik-oôst
zwaagdijk-westsweachdoik-west
zwaagdijkerkraai
zwaaiensjoere
zwaaienskaaie
zwaarsweer
zwaar werksjouw
zwakmeêuwsk
zwaluwswaal
zwaluwtjeswaaltje
zwaluwtjesswaaltjes
zwareswere
zwartswurt
zweepswiep
zweepzwuup
zweerswel
zweertje op het ooglidstieg
zwemswum
zwemmenswumme
zwemmenzwummen
zwemtswumt
zwenkswink
zwenkeswinke
zwenkenswinke
zwenktswinkt
zweren, onstekengrutte

12 opmerkingen

  1. Als bij de man zijn gulp nog open staat,

    Dan zegt men je gulp staat open, of moet je er zo weer bij wezen
  2. Als je niks bent, en je verbeeldt je niks, dan ben je 2 keer niks. In de Zaan wordt dit gezegde ook gebruikt, zo geestig
  3. Demie herinner ik mij als een stopwoordje om iets nog even uittestellen van mijn oude buurman Cor Koopman van de buurt. Cor is nooit getrouwd geweest, was bakker/uitbater (met een doorrijstal) op Spierdijk, stierf in 1990 en werd 100 jaar .
  4. Geheel onwetend gebruikte ik laatst op mijn werk (Almere) het woord "kniert" voor iemand die zuinig is, om vervolgens stomverbaasd aangekeken te worden: niemand wist wat het woord "kniert" betekende. Opgezocht op internet, blijkt dat het inderdaad enkel in West-Friesland bekend is en gebruikt wordt. Omdat het woord op deze site enkel gebruikt wordt als uitleg voor het gezegde "Die skoit niet voor elleven", lijkt het me dat het handig is dat ook "kniert" vertaalt wordt.
  5. Het Westfries Inventarisatie van dialectkenmerken door Dr J (an) A. Pannekeet Stichting Uitgeverij Noord-Holland te Wormerveer ISBN 90-71123-35-9

    Westfries woordenboek ISBN 90-71123 01 door bovengenoemde schrijver en uitgever.
  6. Heupwiegende vrouw of meisje: skuddegatje.
  7. Keuvelen wordt in Wikipedia aangegeven als een officiële naam voor de viering van Sint Maarten. In West Friesland wordt dit gebruikt. Een Keuveltje is dan ook de lampion.
  8. Met drouge biene op de kant loupe betekent een boterham zuinig smeren, zodat de kanten niet bedekt zijn.
  9. Vroeger werd er gevraagd, als je natte voeten had, na bijvoorbeeld "skossie laupe" (= ijs op de sloot testen..) ..."Hew je nat soik haalt?"
    Dit was in de jaren 70 in Wervershoof.
  10. Zomer 80er jaren. Verjaardagsvisite tijdens een warme, broeierige dag. Neefje komt langs en reactie van een tante is: `Loeker weertje niet ` maar dat kon geen Nederlands zijn volgens hem. Nee is Westfries. Nee, jullie houden mij voor de gek!
    15 minuten later komt andere tante het gezelschap versterken. Eerste wat ze zegt: `Loeker weertje he `
  11. je kan beter op een zak flooi passen dan op een jonge maid
  12. oflegge Afleggen is, een overleden persoon klaar maken om in de kist te leggen.