Vilvoords

Dialecten > Vlaams-Brabant > Vilvoords

Vilvoords wordt gesproken in Vilvoorden Vilvoords bevat 17 gezegden, 274 woorden en 4 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

17 gezegden

'gkon commisse doonIk ga boodschappen doen
'k geef a een toekik geef u een vuist (slag)
'k heb ne scheer gedoonIk heb een lief gevonden
baai aave schabbernak greubelein de kraag vatten
beuzze geivezich haasten
daan ijt e stuk in zen gilledie is dronken
Dui de de dui paserenDoor de deur door
e poike noikeseen potje nootjes
Eemand bei zenne schabbernak pakkeIemand bij de kraag nemen
een beis geivekus geven
ik goein iene pakkeIk ga iets drinken
kaaf van aik hou van u
kzien a geirnik zie u graag
noa de koor goannaar de wc gaan
tes waal vandahet is altijd hetzelfde
Tot mergeTot morgen
zijn groeite commisse doenzich ontlasten

274 woorden

A

a ameseireplezier maken
a bakkeszwijg
aarei
aathout
aavd aan smoolzwijg
aavd ave smoolzwijgen
afgang, schijterijdiaree
afrijzerglijbaan
almanakkalender
ambeteirevervelen
ameloaketafellaken
astriestraks
aveneulaan

B

baaibank, trottoirStoep
bakkesgezicht
balansweegschaal
balansoirschommel
bassengwaterteil
bauterboter
beesteiker; braaverbrouwer
beizenbessen
berrekeonderlegger
beukenoikesbeukenootjes
beustelborstel
beuzekkewashandje
bienebenen
blaatblauw
blaikgrasperk
bleitewenen
blinkschoensmeer
bobaaënlief (geliefde)
boddingbroodpudding
boeinebonen
boeitschip
boeitboot
boekeibloementuil
bommaoma
bompaopa
bougékaars
brabreien
braainoille, preembreinaald
broeitbrood
builekebeeldje

C

calpainboekentas
calpinboekentas
calsononderbroek
chakoschhandtas
cheitstaart
chinoeischinees
combinèsononderjurk
cosseneef
crayjonpotlood
crochteirehaken

D

d'oechelede struiken
dasjtereknoeien
de metde markt
den oftuin
dij van onsmijn vrouw
divandriezit zetel
doempdamp
duideur

E

een Jean Gabindikke nek
een roeiseen roos
eimbesilidioot
eimbessildommerik
eitenerwten
engeeend
eu pataikkeeen aardappel

F

facadegevel
fassadeklasjerschilder (huis)
fistonkleinzoon
fleusstraks
fluislater
fluweinsloop
fluwijnkussensloop
foeirkermis
frigokoelkast
frooitfruit
fruttenfritten

G

gaatgoud
gazetkrant
gemaktoilet
geubelleovergeven
godasseSchoenen
greunkevliegraaam
gritselhark

H

hainkewashandje
hannekeekster
horloggeuurwerk
humhemd
hutsfiets

I

iemeremmer
ik goein eiteik ga eten
Italjoanitaliaan

J

jammainkloeitebetweter
jeiraarde
jukseljeuk
jumenasturnen

K

kaaskous
kabinettoilet
kadeijongen
kaffeikoffie
kaffeibeuzzekoffiesok
kaikkeeen kleine kat
karreurgestalte
kartachevechten
kartacheslag
kassoerkastrol
kastoinnekastanje
kazekeigilet (jas)
kazeqienjasje
keek, kikskekip
keeskaas
kemik heb
keutsekoorts
klasjenkletsen (=slaan)
kloeitevervelen
kloppeslagen
kochepoetsen
koekebakkepannenkoeken
koerwc
KoorToilet
kornichonaugurk
kornischdakgoot
korsei, geinkorset
kwoodkwaad

L

labekaklafaard
lampadairstaanlamp
lavabowasbak
legumegroenten
liereleren
loepelopen
luplip

M

macadamasfalt
majobadpak
maskemeisje
masseurekenon
meitsermetselaar
meuttekalf
miseireleed
moeirewaterketel
moembakkesmasker

N

naaigerg
ne pataateen aardappel
ne spast - nen ankeel - ne sumpeleeen dwaas
neighevig
neigehevige
nen collieerketting
nestelsschoenveters
neusnieuws
noagelenagelen
noillenaald
nuisneus
NulsefrotWinkel waar alles te koop ligt

O

oanhaan
oaszakkenhijgen
oegoog
oeiroor
oeireoren
oejlesteenkool
oelekoolsteen
oepblinkepoetsen
omerhamer
orhaar

P

paltaumantel
papiepapier (blad)
pardesuoverjas
pasjtereirknoeier
pasjterreknoeien
pataatslag
patatenaardappelen
pateiketaart
pattin rouletterolschaatsen
peman
peignoirbadjas
peizedenken
perkoeistuinier
perrukpruik
peruchparkiet
piespotpo
pisdoekluier
pissebloempaardenbloem
pjeirefretterpaardeneter
pjeitpaard
plekkerstukadoor
plekkerbezetter
plekpotvuilaard
pletplat
pomaadzalf
portomoneigeldbeugel
PrinstepoilsteBelangrijkste
punaizeduimspijker

Q

QuazequinVestje

R

rakletaftrekker
reubrib
reubbeneribben
roabenachtkleed

S

sacochehandzak
sajetbreiwol
saunsunikeenrichtingsstraat
schaschoorsteen
schaaverschouder
scheerschaar
scheirschaar
schiefscheef
schijle otteriemand die scheel kijkt (loens)
schmoischterresnoepen
schrieveschreuwen
schupspade
seuzedeken
sjafeleersjafeleer
sjottenvoetballen
SkettersBasketten
slaaikmodder
slaitspantoffel
sloagslaag
sluutelsleutel
smoeireroken
smoelgezicht
smooleniet spreken
smosjter (e) snoep (en)
smoutebololiebol
spaveovergeven
speilespelen
spiekselspeeksel
stamenécafe
stameneiherberg
stekkedouchkedoosje lucifers
stienenstenen
stoeffebluffen
stoeitkeirstootkar
stoemerikdommerik
stoempeduwen
stoufkachel
strootstraat
subietstraks

T

t'hoshkewc
talloeir : taluurbord
taloerbord
teotertoneel
toengtong
trotoirvoetpad
trottoirstoep
tutterfopspeen
twal sireetafellaken

V

vareuspull
vareustrui
vaugelvogel
velofiets
verketvork
vèrrekevarken
verroudeczeem
verzoupeverdronken
veuvuur
veulveel
veullofiets
vilvoudevilvoorde
vlomsvlaams
voilbakvuilbak
voischoetschort
voituurauto
volletrolluik
vootvoet
voschtvuist
vouilvuil

W

wallebakkesplezante prater
weutelwortel
weutelewortelen
woterwater

Z

zaatzout
Zatten dreiIk wacht
zjattas
zwetzakallochtoon
zwummezwemmen

4 opmerkingen

  1. Het woord nulsefrot heb ik vroeger van mijn moeder geleerd .Wanneer zij een kraam of een winkel in de oude stad waarnam waar alles werd verkocht zij ze tegen mij : wa ne nulsefrot woet ie versachert.
  2. Spijtig genoeg: het spreken van het Vilvoordse dialect sterft stilaan uit...
    De generaties geboren eind jaren 60 spreekt het dialect nog courant; de latere generaties kennen het slechts nog "van het te horen" (ouders, grootouders en overgrootouders) .
    Gezien zowel op school als in vriendenkring eerst het ABN en later het AN werd gesproken gaat dit erfgoed verloren.
  3. Vilvoords of Vilvouds leunt van structuur dichtbij het Brusselse dialect aan, veel woorden zijn ook identiek. Al is het Brusselse dialect (dat evenwel nog amper gesproken) wordt een echte mengelmoes van Franse en Vlaamse woorden en klinkt sappiger en smakelijker dan het veel hardere Vilvoords.
    Ik heb evenwel de indruk dat het Vilvoords ook zwaar in de verdrukking aan het raken is.
  4. veel gebruikt in sportmilieus : als de tegenstander te zwak is of slecht speelt zin het `krabbers`