Hoekschewaards

Dialecten > Zuid-Holland > Hoekschewaards

Hoekschewaards bevat 20 gezegden, 245 woorden en 5 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

20 gezegden

'k bin effe d'n hort opIk ben even weg
't Glim azz 'n hondekullechie in de maneschijnHet glimt / glanst heel erg
't Regen hoekvurrekiesHet regent hard
As 't brij reegent heb iederêên een lepel nôôdigAls ergens veel behoefte aan is, is het vaak slecht te krijgen
D'n haering over 't hôôd gezaaildDe kans voorbij laten gaan
de schaepe staon aomel in d'n waaide schapen staan allemaal in de wei
de wege komme aomel bij mekaorde wegen komen allemaal bij elkaar
doch 'k aldacht ik al
Een kwaoien errepelEen opstandig mens
Hè je je harses op 't besteebord laete leggeBen je gek geworden
Hè je vaok?Heb je slaap?
Hij het t'n Baaierlander gezienOp dit moment geen zin in werken
hij is zôô slecht as pitwaoterhij is erg slecht
Hij kè me de moord bobbereHij kan me wat
Ik het 't hok ruimIk ben alleen thuis
in 't koesie duikenaar bed gaan
mô je gaon hooieheb je haast
Staat dubbelIk ben alleen thuis
volleges mijnvolgens mij
zit niet zôô te jakkezit niet zo te wiebelen / woelen

245 woorden

(vloer) verreke en blikveger en blik
`'t Lêêpe Stouchie. Inwoners zijn HokkendammersGreup
'n omezegger, maar ook 'n nôômzeggereen neef
's Graevendêêl's Gravendeel; inwoners zijn seuters
's herfstaaie; 's hersstaaieIn de herfst
's woenzes 's aeveswoensdagavond
't borst ervanEr zijn er heel veel
't ken beurehet kan gebeuren
't Kraoienest. Inwoners zijn KraoiePiershil
't SloisieZwartsluisje

A

aaiei
Aai, Aoi, Aei, OoiArie
ael (paeling)aal (paling)
Aêl, AolAal (meisjesnaam)
afhankelijk waar men is / woont: thuis, thoois, thoisthuis
andersteranders
As 't ie stroop eet, dan kleeve z'n ooreGezegd van iemand met een grote mond
astrant, maar dit is nog steeds gangbaar algemeen Nederlandsbrutaal

B

Baailand, of Baaierland. Inwoners zijn Krieke (dieve), Stokkiesmanne, Kaeskoppe, SchrêêuwersOud-Beijerland
beertiemuurtje
bêêsiebeestje
bekantbijna
bel bel beloh oh oh
bèsteebedstede
betuumasfalt
beure, beurde, (ge)beurd. 't Is beurdgebeuren
bietjiebeetje
blaaikbleek
blaaikbleek in alle betekenissen
blommechie, blommetjiebloemetje
boitegeweunprima
bôôtboot
Buitensluis. Inwoners zijn TakkebosseNumansdorp
butterboter

D

d'n (afhankelijk wat er achter komt. Het is d'n dominee d'n dokter en d'n bakker, maar de burgemeester, de kruidenier en de melkboer)de
d'n Baaierlander in je lijf hebbenzich lamlendig voelen
d'n Blaek. Inwoners zijn Blaekse KatteBlaakschedijk
D'n Histert, of De Kouwen HistertZuid Beijerland
d'r neffeer naasr
daaik (Oud Beijerland)dijk
daechiedagje
daer, daero, gunterwaaitdaar
dakgeutdakgoot
De KorendaaikGoudswaard
De Maes. Inwoners zijn BraaihappersWestmaas
De Noord. Inwoners zijn Worstebakkers.Heinenoord
de pad opkorteweg gaan na een bezoek
de peefebriek, de pêêfebriekde suikerfabriek
De PolderSint Anthoniepolder
De RisselaerRitselaarsdijk
De Wacht. Inwoners zijn koffieleutersDe Wacht
dêê 'm zêê 'k; daerom zêê'kdaarom zeg ik
dêêmstegheiig
déémstigmistig
demee of daolekstraks
demee v'r danstraks, als het zover is
denetzojuist
desseldeksel
desselbekken (muziek)
deurdoor
deuzedeze
dijk, daikdijk
doordooier
drek / demeezometeen
dubbelddubbel
duchtbij, in 't voorstedichtbij
durpdorp
durrepeldrempel
dut-opdeze kant op

E

echiesecht waar
eegt, grubbereg
Een hôôge windnoordoostenwind
Een van de scheldnamen is: stoepie schaaitersOud Beijerlanders
ellebesseaalbessen
errebaaierarbeider
errebees (ook errebaai)aardbei
errebeze (ook errebaaie)aardbeien
erreges, iewerstaerergens
errepel (ook aerepel)aardappel
errepels, errepele, aerepels, aerepeleaardappelen
evelevenwel
eveltoch wel / evenwel

F

fleutmoe, lusteloos
fleutlusteloos, krachteloos

G

ge-orve; ook ge-urrevegeërfd
gepsgesp
gerêêschopgereedschap
gerolengeruild
gevrogengevraagd
Goeschallekoord of NazarethGoidschalxoord
grôôstrots
grôôtgroot
gun opdaar heen / die kant op
gunter, gunterwaaitginder
gunter; guñsginds
gunterwaitverderop

H

half schoftwerkpauze halverwege de ochtend of middag
halfbôômsplokleerhalfboomsplukladder
heb'ergpas op!
hêêtwarm (erg)
heuliehun / zij
hiefhoefde
hij gaf ophet weerbericht zei
hôôd over bol, hôôd over staetplotseling
hooistoof, of kopbôômknotwilg
hooivurrekhooivork
hooloo (alleen 's Gravendeel e.o.)ruimte tussen dijk en dijkhuis
hortie; enige tijd langer is 'n hêêlen horteven
hum fietszijn fiets
hunniehun / zij

I

Inwoners van dit dorp worden takkebosse genoemdNumansdorp

J

jaoge, joog, gejoogejagen
jaot, beljaot, bèjaotja
jok of jukjeuk
juinui

K

kaai; ook wordt gehoord kaoi. In Numansdorp: kooikade (van haven)
kaaichies; ook: kaontjieskaantjes
kappeluif, koekkoekdakkapel
kennenkunnen
kerremelkkarnemelk
ketelpakoverall
klapbos, klapbusproppenschieter
kleerrakhouten droogrek voor buiten
Klezwaol, Sodom, Lombok. Inwoners zijn BliekenKlaaswaal
knijnkonijn
koekoekdakraam
kôônewangen
KorsemusKerstmis
korswegge; ook korsewegkerststol
kortaevendevisite in de avonduren
krôôs; veel gehoord ook: eendekrôôskroos (waterplantje)
krooterode bieten

L

laerzelaarzen
laningoprijlaan
leerladder
leggenliggen
leste jaarvorig jaar

M

maaisiemeisje
mangelsvoederbieten
martmarkt
meezekmug
merrege; ook murregemorgen
Meseereland. Inwoners zijn HorrekijkersMijnsheerenland
mesjienmachine
meulemolen
mispitmesthoop
misspreejermestkar
mosmus
mugvlieg
Musdam. Inwoners zijn GroenjasseMaasdam

N

naest, neffenaast
Naozereth. Inwoners zijn Krielfreters of FilepopersNieuw Beijerland
nêênt, welnêênt, belnêêntnee
Niet anders in te brenge dan leege briefiesGeen zeggenschap hebben
nijpnaers; ook: neepnaersgierigaard
Nou 'n donderdag al?Aanstaande (donderdag al?)
NumesdurpNumansdorp

O

okook
onderlestonlangs
onstrantbrutaal
Op zolder zitte as 't brij reegentAchter de feiten aanlopen
oudverwest, of ouferwes (t) ouderwets

P

paelingpaling
paerdpaard
paerdemart, paeremartpaardenmarkt
peesuikerbieten
pielepoele; ook: pielepôôte, pielepoolelisdodde
Pietersoek. Inwoners zijn BrokkePuttershoek
pikepoelie Navraag bij Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard leert, dat men dit woord niet als zodanig kent, maar wel als de bloeiwijze van de lisdodde (zie ook pielepoot, pielepôôl, pielepoolslechte kwaliteit
pisse, bidde, pap ete en nae je nest !Aansporing voor kinderen om naar bed te gaan
plestiekplastic
pliessiepolitie
poepesturremstevige zuidoosten wind

R

raoke, roch, gerochtraken, raakte, geraakt
reif, raaifhark
rippereererepareren
roñdjierondje
rontonderotonde
rotrat
rups of ripsbulldozer (Caterpillar)

S

sampa. Informatie bij Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard: zij hebben hier nooit van gehoordlange vinger
Sas. Inwoners zijn Sasse BliekeStrijen Sas
saus van boter en azijnzuursop
schaepschaap
schoerschouder
schôônschoon
schreepel (korte steel) kôôlauw, of kôôlof (lange steel)schoffel
schrepelonkruidhakker
sêêt, sjetbreiwol
Seuter's Gravendeler
slijgierig
slopslap
smaaismeuïg
Sodom en GomorraoKlaaswaal en Numansdorp
speulenspelen
spiespookemet lange tanden eten
staon, sting of stong, gestaonstaan, stond, gestaan
stee; een kleine boerderij is een `spullechie`boerderij
stikkiestukje
stoepop / afrit van de dijk
stôômfietsmotorfiets
Stoutjesdijk, samen met Greup één buurtschap vormend. Zie ook GreupStouchie
Strien. Inwoners zijn VullejaegersStrijen
summer (s) zomer (s)
suntsinds
SuntereklaosSinterklaas

T

tegesporrelegtegendraads
tende mekaorna elkaar
tendelang, névelangs
terrow, terw, terftarwe
tierepes, tierpeswoedend
tussendoorhiggendewig

V

van achtere kijk 'ie een koe in z'n kontachteraf
vaokslaap
verbeterenverbakke
verrekevarken
verrekesvarkens
verscheideneverschaaie
vertrappenverdêêmele
veugelvogel
veulveel
veurbaaigangerpassant
veurhôôd; ook veurôôdkop- of wendakker
veurrôôd; ook veurhôôdwend- of kopakker
viere of vurebliksemen
vleejeweek, of vleeweekvorige week
vloerverrekehandveger
voestervoedster (vrouwtjes konijn)
vurf of vurrowverf
vurrekvork

W

weddenwette
weljanuk / wejaot, maar zeker ook beljaonek, bèjaotwelja
welnêênt, welnêênek, belnêênt, belnêênekwelnee
wenksbrauw, wijnsbrauwwenkbrauw
wepswesp
werremwarm
weunenwonen
worre, wor(d, t), geworreworden, word(t), geworden
wurf, wurfterf
wurfterf

Z

zaaiszeis
zeekelsikkel
zegge, zee, gezaidzeggen
Zôô slecht as pitwaoterDoor en door slecht
zudessel of zudisselpaardenbloem

5 opmerkingen

  1. De Buitesluis, of Numesdurp. Inwoners zijn Takkebosse
    De bronnen geven 2 geheimen prijs rond de naam “takkebosse”. Het eerste geheim gaat terug naar 1813, toen een garnizoen van 80 Hollandse soldaten vanuit Oud-Beijerland de batterij, wat nu het fort is, aanviel en takkenbossen in de gracht van de batterij gooide, om zodoende de batterij op de Fransen te kunnen veroveren. Het tweede geheim verhaalt, dat de naam “takkebosse” zijn oorsprong vindt in 1860. Toen werden bij de bouw van het fort grote hoeveelheden takkenbossen als fundering gebruikt. Het fort werd verder opgebouwd met grond; de afgraving hiervan staat nog steeds bekend als het “Gat van de Majoor”, een kleine waterplas bij het fort.
  2. De `ei` wordt uitgesproken als `aai` , behalve in het uiterste westen van het eiland. Daar is het `ai`.
    De 'ij' wordt als 'ij' uitgesproken, behalve in Oud Beijerland; daar wordt het een `aai` en in het uiterste westen van het eiland een `ai`.
    De 'ui' wordt uitgesproken als 'ui', behalve in Oud Beijerland. Daar wordt het een lange `ooi` en in het uiterste westen van het eiland. Daar wordt het een `oi`
  3. Oud-Beijerland is gesticht op
    rotte kaas en onderwicht. Dit slaat bij mijn weten op de markten in Beijerland begin vorige eeuw waar IJsselmondenaren hun waar aanboden en dan weer terugvoeren. Het is een algemeen bekend gezegde onder Hoeksche Waarders en slaat op de Beijerlanders als niet te vertrouwen. Grote kans als je in gesprek met een oude Hoeksche Waarder de naam Oud Beijerland laat vallen dat hij / zij er automatisch 'rotte kes an onderwicht'uitflapt.
  4. Wil men echt meer weten van het Hoeksche Waards dialect, neem dan contact op met Museum Hoeksche Waard t.a.v. de Werkgroep Dialecten. Daar is een grote hoeveelheid uitdrukkingen en gezegdes, alsook kennis van het dialect aanwezig. Raadpleeg ook het Hoeksche Waards Woordenboek. Ook in dat museum verkrijgbaar.
  5. fielepopers / pielepooters zijn die bruine rietsigaren ofwel Lisdodde