Gils

Dialecten > Noord-Brabant > Gils

Gils bevat 12 gezegden, 518 woorden en 0 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

12 gezegden

't innige goeie dah uit Rijen komt, is de bus naor Gilshet enige goed dat uit rijen komt, is de bus naar Gilze
aagt van Koamacht van Chaam
al da gezeverwat ze toch allemaal niet zeggen
das un kaajdat is een gevaarlijke vrouw
ga toch speulezoek het maar uit
ge kek mar jomje bekijkt het maar
ge mot er zelf aachterkommenje moet hetzelf ontdekken
geleufde gij utzelfweet je dat wel zeker
ik heb nog zo geseet hèik heb je gewaarschuwd
tzalweldaar geloof ik niks van
ze zegge zoveul / geleufde ge dèje moet niet alles geloven
zouwut?is dat echt waar?

518 woorden

'n poelaaikeeen klein eitje
's aanderendoagsde volgende dag
't kraantjeweekblad gilze-r.....

A

AachtAcht
aagt van Kaomacht van Chaam
aagterom, langs aagterachterom
aaier, tietaaiereieren
aalteialtijd
aaventoeaf en toe
affeserenopschieten
akkedeert dè een bietje?gaat dat goed samen?
Algemeen Beschaofd GilsABG
alle honds gezeikeregelmatig - nogal vaak
allebààibeiden
alwiralweer
ammaol, ammelallemaal
aon de toogaan de bar
aonbildaanbeeld
aonhangkèraanhangwagen
aosemadem
appelesiensinaasappel
appetjoekgek
assie kanals hij kan

B

baai, allebaaibeide, alletwee
baai, allebaibeide, alletwee
bakkus - smoel - smoelbakkusmond
bakkus - smoelwerkgezicht
bangscheetbangerik
BaolBaarle-Nassau
BaovelBavel
bazeroenoverhemd
beevertbedevaart
begaoingpuinhoop
begroffenisbegrafenis
bejertebiljarten
bekaant, bekaanstbijna
bekèkebekijken
besnietenbezuren
bessumbezem, veger
bettie akkum aaibijt hij als ik hem aai
bewoarschoolkleuterschool
bezijsnaast
bietjebeetje
biltjebeeldje
blaozeblazen
blèènblaar
blèèrehuilen, schreeuwen
blek en haandvéégerstoffer en blik
blendblind
blèveblijven
blindhazendazen
bloajer blaaijerbladeren
blommenbloemen
boamuswirslecht weer
boeretoppestaampboerenkool
boogerdboomgaard
booium, bòjumbodem
bòtterboter
botteramboterham
bozzeloenoverhemd
brààienbreien
BredaoBreda
brembizzummebramen
brooike kààsbroodje kaas
brooikesbroodjes
bruurbroer
builpapieren zak
bukkumbokking
buske stampenverstoppertje spelen
buutvrijaftikken

C

champetterpolitieman
combinaosiecombinatie
contrefoorshielen van een schoen

D

da gezever ammelwat een geroddel / gezeur allemaal
da goai niedat is onmogelijk
da kamme niks schilledat doet me niets
dabbenmorsen
dabben, dabberenknoeien
das ongepermeteerddat mag niet
das raordat is vreemd
dè kamm niks schilledat doet me niets
dè kamme niks schilledat doet me niets
de kientjesde kinderen
dè maag niedat mag niet
dè made gij nie, dè made nieDat mag je niet, dat mag niet
dè meude niedat mag je niet
de moorfluitketel
de schoakelde schakel
de sikde gemeentesecretaris
de stinovede steenfabriek
de stoephet trottoir
de Vraantde Warande
dè wiezik niedat wist ik niet
dè wittik niedat weet ik niet
dè zal weldaar geloof ik niks van
dè zeezedat heeft ze gezegd
dèèremedarmen
den Broenwinkel van sinkel v / h in gilze
den burgerde burgemeester
den duvelde duivel
derrumdaarom
dès sunddat is zonde
des veul te wèètdat is veel te ruim
dessedat ze
detturdat er
die wòj dè weldie wou dat wel
die zèn arremdie zijn arm
dikkelsdikwijls
drekdirect
drekdadelijk
dun bovemisterhoofd van de school
dun dieje spoort niehij is niet goed bij z'n hoofd
Dun èèruvveNerhoven
dun hofmoestuin
dur de vurdeurdoor de voordeur
durafer af
durneffeernaast
durwerderdeurwaarder
duuzendduizend
èèrbizzemeaardbeien
èèrpelmaandaardappelmand
èfkes, eventjes

E

ellufelf
erbeesjesaardbeien
ergusergens
erpelkiestaardappelkist
èzerijzer

F

fermussèlvermicelli
fietseikippe-ei
fistenfeesten
flapdrollaf iemand
foekkepotterijvarkensblaas instrument bespelen
foeponaardig meisje
frakjas
friettentcafetaria

G

galgenbretels
gaogut, gaotiegaat het
ge hattum zùiverje had hem mooi te grazen
ge wit ôt nooit dukkend toch nieje weet maar nooit
ge wit ôt nôt dukkend toch nieje weet maar nooit
gedaon gehadontslag krijgen
gedijngordijn
gedilte, un stukskegedeelte
gedochtgedacht
gèèfgaaf
gèèregraag
gèètgeit
gekke triengek meisje
gelejegeleden
gemintegemeente
geridschapgereedschap
gewiestgeweest
gezeejgezegd
giesteregisteren
Gilse meesemensen uit gilze
ginderwèètdaarginds
goai utgaat het
goai ut?gaat het?
goapenturen
graziegarage
gruuntegroente
gruupkegroepje
GullieJulie
gùlliejullie - gij
gulliejullie
gummielèèrzerubberen laarzen
gummigalgenbretels

H

haansvol, un haffeleen volle hand
hannikvlaamse gaai
harsushersenen
heddeheb je
heegut'heeft het
hèèremenieharmonie
hegloederboze vrouw
Hegloedergeniepige vrouw
herres of geenshier of daar
hèrringharing
hèrrus en geensheen en weer
hij klapt erophij gaat er tegen aan
hij kreeg de went van vurrehij kreeg de wind van voren
hij wônt in Gilshij woont in Gilze
hij wônt op de Rijehij woont in Rijen
hoe hitte gaaihoe heet jij?
hoe hitte gijhoe heet jij
hosthaast
houwdoeweggaan
hulliëvan hen
hùlliehun, hen
husselenmengen

I

iets trugkrèègeiets terug krijgen
imeele-mail
impesaant, meepesaantondertussen
in groote lèènein grote lijnen
irsteeerste

J

janken, sjanken, simmenhuilen
jaon haopers / de fikc 1000

K

k' rwaaikekarweitje
kaai-goedheel erg goed
kaaibaandtrottoirband
kakkenisjemooi kindje
kan gin kwaodhet is niet erg
KaomChaam
karrewatsleren pezen roede
kèèkekijken
kèèkwèèdver kijken
kèèrsekaarsen
kèèskaas
kèès-schèèfkaasschaaf
kelderkuuspissebed
kersmuskerstmis
kerspoorzandpad voor auto
ketvork
kiendjeskindjes
kiepegaoskippengaas
kiepen-aaikippe-ei
kiestkist
kinkenduutkikker
klemstekwasknijper
kliekskerestje (bijv. van eten)
kloek mee pielekeskip met kuikentjes
klokkebaaienbosbessen
knakbol - Dikkopkikkervisje
knijnkonijn
koaterkater
KoeiKoe
koekeloerengluren
koekwausidioot
koes, koes, koesde koeien roepen
koiboicowboy
koppèènhoofdpijn
koppènthoofdpijn
Kos ie nieKan hij niet
kosschoolinternaat
KosseKunnen
kouw jattenkoude handen
kreddekrijg je
kreejaosiecreatie
krèkprecies
krèk, sjuustprecies
krètjekrijtje
kreugekruiwagen
kreugelkruiwagen
kuierenwandelen
kùùkskekoekje
kuus, kuus, kuusde varkens roepen
kuzéénkozijn
kwakbollekedikkopje
kwakskerestje
kwats praotenonzin uitslaan
kwattastrooiselhagelslag
kweek mee 2 jongvrouw met 2 kinderen
kweenieik weet het niet
kwies da ôk nieik wist dat ook niet
kwitta da ôk nieik weet dat ook niet

L

labbonnetuinbonen
lantèèrepoallantaarnpaal
laoilade
lèèntjelijntje
leertrap
lèèrzenlaarzen
lozziehorloge
lurken (water) drinken

M

maaggie dè?mag hij dat?
mààimei
maauwe, zèèkezeuren
mallemolendraaimolen
mangelpeejenvoederbieten
mar usmaar eens
mastappel - mastendoldennenappel
mee gaanksnel
meeijouwmet jou
meekupmake up
meepessaanttegekijkertijd
meepessaantmeteen
mèèrgevruugmorgenvroeg
mehsjienmachine
mergevruugmorgenvroeg
mèrtmarkt
meskemeisje
meude gij damag je dat
meulemolen
meulenmolen
mikbrood
mistalmeestal
MisterOnderwijzer
modegij dèmag jij dat
mot dè?moet dat?
muldermeikever
muldermolenaar
mulleschotmolenschot

N

naokendbloot, ongekleed
nar loerdnaar lourdes
nè pingierigaard
neffenaast
NeptangNijptang
nieuwe nérringnieuwe haring
NirgeleeNeergelegd
NoaderaandNaderhand
nondejupotverdikkie
nu frakeen jas
nun batraofeen vervelend ventje
nun dooieeen dode
nun gilse dringerinwoner van Gilze
nun immereen emmer
nun nondeen hond
nun pindoleen tol
nun pullukeen perzik

O

ochgèèrmjammer
oelewapslome man
oewe zitschenkje achterwerk
olliefantolifant
ollienôtjepinda
omspoajeomspitten
omwaaseafwassen
ôn gene kaantaan de andere kant
ôn swis kaanteaan beide kanten

O

ons moemijn moeder
onze paamijn vader
op en neer rettererenop en neer lopen
op oe donder krège - grommes krègestraf krijgen
optreeeoptreden
opzùùkenopzoeken
ossum, wossumadem
ouw meesoud mens
ouw pepieroud papier
ouwverwetsouderwets

P

paaikepaadje
pakkendroagerbagagerek van een fiets
papmanmelkboer
peeënstaamphutspot
péékesworteltjes
pèèrdpaard
pèèrdestalpaardenstal
perrewepswesp
pieleke (s) kuikentje (s)
pierwurremenregenwormen
pindraad - pinnekesdraodprikkeldraad
pindurpvan poppelstraat
pinnekepennetje
pisblom, piesblompaardenbloem
pissebedaardvarken
plakpaolreclamezuil / bord
pleeborstelsteil haar
pleejwc
plestiekplastic
plets - plôtsbinnenplaats
PliesiePolitie
ploatjesplaatjes
PlustiekPlastic
poar uurkespaar uurtjes
poelepetaotkalkoen, parelhoen
pollekekinderhandje
pollingpaling
postbooijepostbode
PotlooierPotloden
praaiprei
prèèsprijs
prèèskaortjeprijskaartje
puitoorgrapjas

R

raodsjeltjeraadseltje
rèèfhark
reejereden
rèèveharken
remkerijmpje
rengelen, zeverenregenen
rengelpaipregenpijp
riekmestvork
rijbewèèsrijbewijs
rooi kol mèè kribrode kool met hachee
rotzakvervelend persoon
ruftenscheet laten

S

saovus's avonds
savonds's avonds
schaoischade
schèèfschijf
schèèrschaar
schèèt lijsterbangerik
schèètlijsterbangerik
schèterigbang
schetsenschaatsen
schobbejakdeugniet
schoep - schùpschop
schoftenschaften
schôn klirkesschone kleren
schoringzolder
schouwschoorsteen
schrèveschrijven
schuppen haos, schuppenaosschoppen aas
sebietzodadelijk
seffesstraks
sèffus, zubbedémuszo, zometeen
segretsigaret
senspoallantaarnpaal
sigoarsigaar
SinterklaosSint Nicolaas
SjaksjoerZwarte Piet
sjampetterraar persoon
sjekskeshaggie
sjuust - krekjuist
slaoi mee aai mee juin mee èèrpelsla met ei met ui met aardappel
slibberen (op het ijs) glijden
SloebereSlurpen
sloefpantoffel
slotskantslootkant
smèèregussmorgens
smèregus's morgens
smèrlappendadels
spaojenomspitten
spaorpotspaarpot
spauwen - kitsenovergeven - spugen
speulespelen
speulwaaispeelweide
spuklaosmannekes, spuklaospoppekesspeculaas
steggelenruzie maken
stesjonstation
stinakkerplèènsteenakkerplein
stobber stoeberstof
stoeptrottoir
straotemoakerstratenmaker
stroaljoagerstraaljager
stroatestraten
stroatkaaienstraatklinkers
strooistro

T

taskekopje
teeguswurrigtegenwoordig
tèèneuit
tekske (schoen-) spijkertje
temaotentomaten
temee, drekmeteen, direct
temsdoekdoek om melk te zeven
tètterenflink, hard kletsen
tietaaikippe-ei
tietenbolkippe-ei
tillevisietelevisie
tis schaandhet is een schande
tollekesknolletjes
traktementzakgeld
trugterug
tuffen - kitsenspugen
tùrgel't orgel
Tutholavrouw die niet kan beslissen

U

uitzuukenuitzoeken
un aaieen ei
un bietjeeen beetje
un lèèreen ladder
un luie dôôseen lui iemand
un paosaaieen paasei
un pront meeseen mooie vrouw
un rekskeeen rekje
un schirmeskeeen scheermesje
un tollekeeen eetbaar knolletje
un vuile trieneen nare vrouw
unne aandere noameen andere naam
unne oariggeeen rare
Ut VèrruvveVerhoven
ut zelfduhet zelfde

V

vaastbèènevastbinden
vanaagtvanacht
vanneiggusvanzelf
vattem!pak hem!!
vèèfvijf
vèènevinden
vèèreke - kuusvarken
vèèrkesvoejervarkensvoer
verleejeverleden
verrekkus kouwheel koud
vèrrukkevarken
verschietenschrikken
verveschilderen
verwermingverwarming
veul ouwerveel ouder
voorbipsvagina
vuisjemoker
vukaansievakantie
vullakviespeuk
vullesbakvuilnisbak
vùr houwesom te (be) houden
vùr houwesom te behouden
vur hurvoor haar
vurbouweverbouwen
vurdeelkaortvoordeelkaart
vurdeurvoordeur
vurgaonvoorgaan
vùrrig jaorvorig jaar
vurstellevoorstellen
vurstllevoorstellen
vurzittervoorzitter
vuurkevuurtje

W

waaiwei
waogenwèèdver
waogewèèdver weg
waogewèètheel erg ver
wè zéde gij? - wabliefwat zeg je - wat zei je?
wèèrmtehitte
wèètwijd
wellusweleens
wentwind
wepsaitwebsite
werfterf
wérrumwarm
wèrumwarm
wirligtbliksem
witte nieweet je niet
wochtenwachten
worreworden

Z

zakske / builtjezakje
zeeverekwijlen, kletsen
zènzijn
zeunzoon
zeuvezeven
zeuvenzeven
zo weit ast kanzo ver mogelijk
zùiver maokenschoonmaken
zukkezulke
zulliede anderen
zulliezij
zùllie - hùlliezij
zwoare sjekzware shag