Evergems

Dialecten > Oost-Vlaanderen > Evergems

Evergems bevat 109 gezegden, 1059 woorden en 1 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

109 gezegden

'iët dan de kroaën goabmSnikheet
'k goa goan viss'n in de vijvreik ga vissen in de vijver
'k moe noar de vespers goan vandoageik moet naar de kerk deze namiddag
'k terte toch wel in n'n kiekenstrontik trap in een kippenstront
'n Stuk in zijnen zjiléé (ook kluten) Een stuk in zijn kraag
't Es kirmess' in d' elleHet regent terwijl de zon schijnt
't zal scheen zeekrestop ermee
't zijn goaten in heur kesseser zitten gaten in haar kousen
’t Es beedre ien luis in de panne dan gien vet!Beter iets klein dan helemaal niets.
’t Is amal da niet, ’t es da kind zonder huefd da langs zijn poepken pap moe eedn.Dat is niet erg, er zijn veel moeilijker op te lossen problemen.
' t Es maij verliëtIk ben het hartstikke beu
' t Sal nen lembeeksen word' nHet zal een late avond worden
An iën zeel sleur'nAan één lijn trekken, samenwerken
azoan een harte zoalehet is een hard zadel
azoan raobe ek no nie gezienzo een groot hoofd heb ik nog niet gezien
Bleuzn lijk 't zop van een roabeLijkbleek zien
Da mesan nie. / Gieën mesant!Dat kan geen kwaad.
De kadde zit in dorloge.De kat zit in de horloge. Er is ruzie in het huishouden.
de klokk'n luieniets vertellen wat niet mag
De macht van ' t folk doet den osse kibbm (= bevallen) Samen zijn we sterk
De macht van ' t volk doe nen osse kipn (kippen) .Samenwerken loont
De vuilste verkens wil’n altijd ’t schuuënste strüét.Die het minst verdient, wil steeds het schoonste en beste deel.
den ' ird uitschijdnHet bruin bakken
Den dieën ee zeekre in nun peirdestront gebloazen, zijn totte stoa vol mee sproet' n.Hij heeft een gezicht met sproeten.
den oap uitaongede clown uithangen
den pastre es doar, stille zijnde pastoor is daar, stil zijn
den tren es doare, pastopde trein is er, voorzichtig
Den uil uithaenDwaas doen
Deur de veure van zijn gat lopen.Hij denkt dat hij het middelpunt van de wereld is.
Die niet bespot es, moe nie niezen.Als je niet schuldig bent, moet je je niet schuldig voelen
Dien hertefreiter eik ’t gat van den temmerman getuend!Die hartenvreter heb ik duidelijk gemaakt dat het definitief uit is. ‘t Gat van den temmerman = de deur!
doe eu schorte goe anje correct aankleden
é es goe zochteIemand die zeer veel gedronken heeft
é es goe zochteHij heeft te diep in het glas gekeken.
é es goe zochteHij heeft overmatig gedronken
E is getoakt tottop zijn bloaze.Hij is zwaar beledigd
E kan zijn ol opslueven.Hij kan er een puntje aan zuigen.
è rèè èèèrsheb je rauwe eieren
E zit weer op meulners.Hij is veel vermagerd omdat hij een nieuwe vriendin heeft en hij veel gaat vrijen.
Ee ee't van gieën 'ond g'ïrfdDe appel valt niet ver van de boom
Een kemel schietenEen flater begaan
een weekmeere mee 'n teste zopEen waterige wind (scheet) laten
est goe voar ouis dit voor jou goed
ge keunt den pot opge kunt gaan
ge keunt mij'n zak opbloazenik stop ermee
Ge kunt op de krebbe bijt’n.Ge krijgt niks
get eu kessens verkeerd andoe je kousen goedd aan
Getoakt zijn tot op ou bloaze.Zeer diep beledigd zijn.
Gezet zijn gelijk n’een puij op n’een wee’link.Soort zelfrelativerende bevestiging – ‘bedankt, ik ben gezet, ik heb wat ik wou en ik ben tevreden.
Giën rottn bal ein.Geen rooie duit hebben.
GrètenDe draak met iemand steken, smalen
ha zoan ruftegezond spelend kind
hazeun snottekisse da doar hangtzijn neus loopt
Hé zal moetn toe zijn om azuen schure uit de dessen.Hij zal van goeden huize moeten zijn om die vrouw aan haar trekken te laten komen.
hedt verstoan, k'zegget geen twie kier zullebegrepen, ik herhaal het geen tweemaal
hij loapt doarmee n' slekkentrekre in 't geshij prikt het papier van 't gras
iemand zijn muile vulniemand van repliek dienen
ij ee 3 knegjonzhij heeft drie zonen
ij ee geene noagle om an zijn gat te krabb'nhij heeft geen bezit
k Stakke noes ' t stroate overre, ' k zetteggen mei nen perlevee ein ' k schonde huul mijn fasadde.Ik dwarste de straat, viel en kwetste mijn aangezicht.
k'et zittenze hebben mij liggen
kakken goa veur bakkeneerst drukken, daarna bakken
kmoe weeral straffe schrijv'nik moet straf schrijven
kmoee nog wie' n vandoagede hof schoffellen vandaag
kuist zijn ol moar afveeg zijn poep af
langs de veene rond gaanEen ommetoer maken
Liën dat de lucht uitgaat.Duchtig staan liegen
me gaume ons nen buik zettenwe gaan eens veel eten
Mé mijn geld goan ze geen putjes zeeken.Mijn erfenis zal niet in de mate zijn dat ze kunnen feesten en brassen met alle gevolgen vandien…
Mee oa kluedn noar de moane sloanHet onmogelijke proberen
Mee uw kluedn noar de moane sloan.Een onmogelijke opdracht of betrachting.
mij'n otto is noar de knobbenmijn auto is kapot
mij' n pittal es afgebroakenmijn trapper is stuk
mijen gidon van mijen velo stoat toagehet stuur van fiets staat te hoog
mijn zoalle stoat ' tho' gemijn zadel staat te hoog
n ou wijf mee nieuw kleeren blijft een ou wijf.Een voorzetgevel maakt van een oud huis geen nieuwbouw.
ne wurme uit oa gat trekkngDoor het oog van de naald kruipen
nevenst zijn schoe' n loapeniets doen wat niet mag
Olala, doar es veel volk in de stoase.Die dame heeft een omvangrijke boezem.
op de bloazen zittenvoor uw daden instaan
Opgetuttert gelijk nen raan adzun.Opgedaan zonder smaak.
pas op van die siekke doar op den trottorpas op kauwgom op het voetpad
past op van die kobbeopgepast een spin
schoane lietjes dur'n nie langehet blijft niet duren
Sen in mijn roap'n gescheet'nZe hebben mij goed liggen gehad
Ses van ’t gemeentenhuis gedonderd.Ze staat op trouwen
Sloap’n totda de zonne in ou gat schijnt.Zeer lang slapen
stekke, tieke, 't es maësdie zit
straks est schreemmuile kirmessedaar komen problemen van
te t' eten, stutten mee boatre of magrieneeten, boterhammen met boter
tes een speeke uit 't wiel van mij'n veloer is en spaak uit het wiel va mijn fiets
tes kirmesse op Evergemhet is kermis in Evergem
tes stille oast nie woithet is stil als er niets te horen is
tes vandoage venditie op ' t durp bij Choarlevandaag verkoop op het dorp bij Charles
Treënt molljong' nsHet regent pijpestelen
Tsop uit oa ol vroan.Hij moet alles tot in de détails weten.
Un kriebmde kèrre rèj vèrreZieke mensen leven vaak lang
van de kloavers in de bie-znVan de regen in de drop
Van krom'n n'oase gebarenDoen alsof zijn neus bloedt
Van kromme n' oaze gebaar' nDoen alsof zijn neus bloedt
Vloan eten totda au gat mee ë teute stoatOvermatig eten en drinken.
voar mij 'n schelle hoofflakkevoor mij hoofdvlees
Vryn dat thoaar deur zijn mutse komt.De pannen van het dak vrijen.
woar da ro'k es, est er viergeen vuur zonder rook
woar zijn mijn sletsen, ze zijn verre versle'tenwaar zijn mijn pantofels, ze zijn verssleten
zijn kisse es uithij is doodmoe
Zijn stront ziften voor ’t gruis.Zeer gierig zijn.
Zijn stront zit dichte teen zijn herte.Hij maakt zich vlug kwaad.
Zue zwart of muerkes kluednPekzwart

1059 woorden

(g) ulderjullie
(n) uneen (lidwoord)
'errebekkenbekvechten
'n tjezekenbeschaamd persoon
'oast / verrebijna
'ollandsenederlandse
'thet
't ankadrementomkadering
't bakskenafstandsbediening
't eijovaal van Wippelgem (verkeerswisselaar)
't Es wel besteekt!Dat is verdiend, eigen schuld!
't ipperstede zolder
'tfierkeukenfornuis
'ulderhun

A

aantroksucces bij ander geslacht
abbel / abbowsappel, appels
achteacht (telwoord)
achter de noenena de middag
achter, vb. achter de messena, vb. na de mis
achterdoendernabootser
achtermiddagnamiddag, late middag
achternoennamiddag
achterwaortsstreyjevroedvrouw
achterzeggennazeggen
adzunajuin
adzunui
aeraplesaardappelen
afblijven, zulle!afblijven, hoor!
afellnafruimen
affairerelatie (negatief)
affrontvernedering
afgankbuikloop
afgoanverbleken, verkleuren, verschieten van kleur
afhellnafruimen
afklapp'nontraden, uit het hoofd praten
afklappenontraden, uit het hoofd praten
afkortenafbetalen
aflekk'naflikken
afloat'nluchtband laten leeglopen
aflossingskoersestafette
afpietsenafdingen, afpingelen
aframmel'ntekst snel lezen
afrijdenmaaien met grasmachine
afsmijtenslopen
afsnakkensnauwen
afstrijenontkennen, loochenen
aftrekkerkroontjeswipper
afvagenuitvegen, wissen
afvegenuitvegen, wissen
akeals ik
akkazjoemahoniehout
akkerdzjie, akkerdzjusaperloot, potverdikkeme
alaamgereedschap
alaambakgereedschapskist
alewiekzak - allewiekzak-allebiekzakalembiek, katoenen koffiezak
alkolalcohol
alle gowkomaan! vooruit!
allee!komaan, vooruit!
allegelijktoch
allumeuraansteker
almenakkalender
als ge wild ééaltijd welkom
alzelevenal zijn leven
ambetanteriklastpost
ambeterenlastig vallen
ambrajerenontkoppelen
AmerikoanderAmerikaan
amoalallemaal
anaan
angaarloods, afdak
antigelantivries
antiroestroestwerend
appareiltoestel, apparaat
appeleerappelaar
appliekwandlamp
arriveeaankomst, eindmeet
artiestzonderling
artiestuitblinker, bolleboos
aschakskwansuis

B

baarstaaf, stang
babbelessebabbelkous
babbelwoatrejenever
badderbalk
bakgevangenis, cel
ballobaal
bamisweerherfstweer
bamisweeroktoberweer
barbapapasuikerspin
barreelslagboom
barsjokbumper
basculeweegschaal
basjedekzeil, grondzeil
bavet, bavetteslabbetje, morslapje
bawllneuro
bazassezak
bij
beddebed
beeldekenplaatje, prentje
beervarken (mannelijk)
beetenbieten (dierenvoeding)
beetje; wacht e beetjeeventjes; wacht eventjes
béévoarderbedevaarder
bééwegenbedevaart doen
begostbegonnen
begravingbegrafenis
beizeschommel
bejang'nbehangen
bejangpapierbehangpapier
bemeubelenmeubileren
bendegroep, troep
bendetroep, groep
bendekegroepje
berdplank, tafelblad
bestoefenloven, prijzen, bejubelen
beterijngebeterschap (na ziekte)
betoalderbetaler
betrapelijkbesmettelijk, overdraagbaar
betretsen (wederkerig ww.) zich verdienstelijk maken
betsijbelen – betjibbeldbetuttelen
beulenzwoegen, zich afsloven
beulingworst
beuntjeboontje
beuzakvervelende, ergerlijke persoon
bezetselpleisterwerk
bezetterstukadoor
bezienbekijken, onderzoeken
biëskopbisschop
biiënbinnen
biiëngebrochtafgeleverd
bildedwarsligger (spoorweg)
binnenspringenlangskomen
blaffetureluik
BlaffetureHouten raamluik
blaffeturenvensterluiken
bleinblaar
bleinbustelharde borstel met baleinen om de straat te vegen
bleit'nschreien, wenen
bleitenwenen, huilen, schreien
bloazeblaas
bloazeblaaskaak
bloazenblazen
bloemsuikerpoedersuiker
blommebloem
boaneweg, straat
boaninkbundel
boardgekastreerd mannelijk varken
boardbaard
boaswaard, herbergier, cafébaas
boasbaas
boejottewarmwaterkruik
boekee blommenruiker bloemen
boer, boerkeoprisping
boerenbuit'nplatteland
boezjieontsteking, kaars (auto)
boitebrievenbus
boktand, baktandkies
boll' nbollen (bolspel)
bollingbolspel, (café met) bolbaan
bordurestoeprand
botlaars
bottermelkkarnemelk
bovnuillaextra
brankaardraagbaar
breibreiwerk
brilkassebrillendoos, brillenetui
broeders van liefde / moeders jòòënspolitie
brolrommel, rotzooi
bronsjiet (e) bronchitis
bubbelkesbubbeltjes, bellekes, prik
buidnbuiten
buitenvliegenontslagen worden
buitenvliegenvan school getrapt worden
bulleteinrapport
bureauwerkkamer, kantoor
burrelenloeien, aanhoudend
buufstekbiefstuk
buusautobus
buusbus
bwattebrievenbus

C

camelotprul
camionvrachtauto, vrachtwagen
carotwortel
carottentrekkerplantrekker
catsjéékapot
centermidden
chambrandeurlijst
chambranvensterlijst
chapecementvloer
chapedeklaag, slijtlaag
charcuterievleeswaren
chiekekauwgom
chromééchroomwerk
cinema speel'nkomedie spelen, overdrijven
coiffeurkapper
coiffeuzekapster
coiffurekapsel
combinaisononderjurk
convoijuirbijrijder

D

dadat
daa-achdag (groet)
daltegel
dalvloersteen
dalplavuis
danskuürdespringtouw
de (n) de
de comewcomelkfabriek, een
de sommehet bedrag
dedzju, mieledzjuverdomme
dééfel' nknoeiboel maken
dééfeleir, prutsevengtknoeier
dééfelenknoeiboel maken
déék'ndecaan
déézekenbraaf kind
defelbrij
deisndagdinsdag
dekapotabelcabriolet
délégéégedelegeerde
délégéévakbondsafgevaardigde
delvengraven
den ouwenvader
der oa beuntjes op te wiëkng lèèënvolledig vertrouwen op iets
dessenslaan
dessingepak slaag, klop
dessingeoplawaai
deurdoor
dieplomdiploma
diepvriezervrieskast
dierfdurfde
dikkenekkedikdoener, poehamaker
diksjenèrwoordenboek
dinkaardig
djakkeleurenspeels vechten, pesten
doazepaardenvlieg, daze
doefvochtig en warm (weer)
doeniiëactiviteit
dokteurarts
domendampen
doomdamp
dopgewldsteun, stempelgeld
dopkoartestempelkaart
dopp'nsteuntrekken
doppersteuntrekker
dreilnoddetwijfelaar
drekvuilnis
dretsengutsen, hard regenen
dretsenmorsen
dreupeledruppel jenever
driesdorpsplein met bomen en begraasd
drijdrie (telwoord)
drijduustdrieduizend
droad, pinnekesdroadprikkeldraad
droaibocht van de weg
droogkastdroogtrommel
druugkassedroogtrommel
duik (in den... ) stiekem, heimelijk
duik' nverbergen, wegsteken
duikerrioolgat
DuitsDuitser
duivemelkerduivenliefhebber
duivenkotplaats van zoete inval
durpdorp
dustdorst
duuddood
duur-de-komprenuurhardleers
duustduizend
duvelduivel
dwoasdwaas
dwoazekluutdwaas
dzjollendwalen
è es van den n' oase gepoeptHij is een zeer haastig iemand

E

e pére stovenaanpakken, terugpakken
ee (t) heeft
ee / jèhij
èèënireigenaar

E

eekeik
een lange lietegroot persoon
eenhandigonhandig
eerdeaarde
éésjappementuitlaat
éésjappementknalpot

E

EkluuEeklo
ekzemaeczeem
elveelf (telwoord)
embrajageontkoppeling
EmmelluchtenBliksemen, onweer
entreetoegangsprijs, inkomgeld
erebezenaardbeien
ervanonder trekkenervandoor gaan
esis
eurotseuro's

F

facteurpostbode
facteurbrievenbesteller
fameusbehoorlijk, erg, aanzienlijk
famieldefamilie
fasaddegelaat
fasaddegezicht
feuten – feud’nknikkeren
flanvla, eierpudding
flassefles
fliekagent
fliekenkotpolitiekantoor
fliekenottopolitiewagen
flikker, in zeine flikker, bloet, naaksbloot, naakt lichaam
flodder'nvleien, flemen
floddereirvleier
fluitenierwesp, fruitwesp
fluostiftmarkeerstif met fluorescerende inkt
foebalvoetbal
foefkussmoezen, uitvluchten
foorkermis
foorkraamkermistent
foorwaagn??kermiswagen, woonwagen
foorwijfordinaire vrouw
form, in ...conditie, goede vorm, in ...
fotto-appareiïfoto-apparaat
fottotsfoto's
fransjipanamandelgebak
freinrem
frietkotfrietkraam, friettent
frietpot, frietketelfrituurpan
frigokoelkast
frigobokskoelbox
friskoijslollie
froefroepony (haardracht)
fruitsapvruchtensap
fwietlek

G

gaazegas
gaazecontuirgasmeter
gabejaap, snee, snijwond
galosschoen in rubber
galossenlaarzen lage
gans (de stad, ... ) heel (de stad, ... )
garazjistgaragehouder
gardeboespatbord
garsonober, kelner
gattootaart
gazettekrant
jij
ge keunt binst 'n koe 't vel afstruubnhet duurt nogal lang
gebarenveinzen
gebuurbuur, buurman, buurvrouw
gebuurtebuurt, omgeving
gednzich haasten
gedrijenmet zijn drieën
geen spierkeniks
geestigprettig
geestigleuk
geestigaangenaam
geirnoart, geirnoartsgarnaal, garnalen
gekloov'ngekliefd (hout)
gekomplikeertcomplex
gekuistgereinigd, gepoetst, schoongemaakt
geltegekastreerd vrouwelijk varken
génikolooggynaecoloog
geregraag
geren zienliefhebben, houden van
gerrespleet
gerrekier
geruchtgeluid
gerustrust
gèsgras
gèsmasienegrasmaaier
géswoadrebleekwater
getengegeten (van eten)
getienenmet zijn tienen
getwieënmet zijn tweeën
gevanggevangenis
gevierenmet zijn vieren
gewentegewoonte
gèwldgeld
gezessenmet zijn zessen
giedepoeperiemand die te grote laarzen draagt
giejne vettenniet veel / weinig
giëngeen
giën fluite weerdniks waard
giën verlet?stoor ik niet?
gleisheerken – gleshiereSnoever, stoefer, snob
glesheerkenSnoever, stoefer, snob
gloasglas
gloijknikker
goabmgapen, geeuwen
goaimikvogel
goan 't ne kieër uitvleuënstelt een onderzoek in
goatgat
goazeviergasvuur
goe meuëlijkniet onwaarschijnlijk
goele (ke) eend (je)
goestetrek, zin, lust
goetsemoetsbewust
golledoel
grachtsloot
grepschijdre – greppescheiter – grebbeschijdretwijfelaar - angsthaas
grèterspotter, smaler
groenselmoarktgroentemarkt
groenselsgroenten
grolijzermotor
grossistgroothandelaar
gulderjullie
guldrejullie
gurtmeuwlneonuitstaanbaar persoon

H

halvelingsmin of meer
hélaba!hé jij!
hertehart

I

ieneen (telwoord)
iërlijkngeerlijke
iëtheet
Iët dan de kroaën goabmsniheet
iët dan de kroaën goabmsnikheet
ieversergens
ijsren wéégspoorweg
in de roabm gescheedn ènhet verbrod hebben
in zijnen tram kruip'nslapen gaan
ingezeden, hé ze ingezedenbevallen; is zij bevallen
inpabb'npappen, met lijm bestrijken
instuik' nineenstorten, invallen
irweteerwt
ItaljoanItaliaan

J

jawaddewel wel, kijk nou eens
jeneuverkotjenevertent
joagja, gij
joakja, ik
joamja, wij
joarjaar
joasja, zij
joegoertyoghurt
jujerechter

K

kaaksmeteoorveeg
kabadraagtas
kaba netzakboodschappentas
kabienestuurhut van een kraan
kadeekerel, vent
kadesteredadel
kadetbolleboos, uitblinker
kadèw (kadeille) lawaai (ferm, hard)
kaffekoffie
kajiet'njanken (van een hond)
kakapoep
kaka doenpoepen
kakdoek, piesdoekluier
kakmadamvrouw met pretentie
kalf, ezeldomoor
kaliesjzoethout, drop
kalkeerpapierdoorslagpapier
kanazeireboekentas
kannesiéreboekentas
kapoomotorkap
kapootcondoom
kapsulekekroonkurk, dopje
karnaséreboekentas
karoo ènderuitjeshemd
kasjpobloempot
kasseistraatkei
kassementraamwerk, kozijn
kateilherrie
katsesommegankdrukte
kattekat
kautsjoe, katsjoerubber
kééperdoelman, doelwachter
kemelflater, bok, blunder
kennesseverkering
kepiuniformpet
kèremalkkarnemelk
kèrrekar
kerrekewinkelwagentje
ketijf – kattijvig - kattijvig – kattijf – een kattijve – katijfiemand die vlug koud heeft, een kouwelijke
kibb'mwerpen, geboorte geven (dier)
kibb'nbevallen (dier)
kibbmwerpen, jongen
kiek'ndroadkippengaas
kiekebillekippenbout
kiekebustkippenborst
kiekemarzjanpoelier
kiekenkip
kienkonkaheibel
kiesbriefstembiljet, stembrief
kiezingeverkiezing
kinderskinderen
kipmollenklem
kirkekerk
kloaver (s) klaver (s)
kloefklomp
klopperleerbuikspek (gerookt)
kloppersklompen
kluednkloten
kluitgeld, centen
kluizekluis
knufflenkarweien (doe het-zelver)
knurreboomstronk
kobbespin
koerwc
koereurwielrenner
koersveloracefiets
koesjkeverflaagje
kokkacola
kolschuimkraag (bier)
kolkraag, halsboord
koleirewoede
koleissepulle (-stok) drinkbus (met drop in om schuimke te trekken)
kollelijm
kom verderkom binnen
kombineekeBH en slip bijeenpassend
kommeer'nroddelen, kletsen
kommeerëroddelaarster, kletsvrouw
kommiesgrensbewaker, douanier
kommiezdouanier
kommiezenkotdouaniershuisje
kommiskesboodschappen
kompassiemedelijden
kompoetercomputer
konjéévakantie
konjéévrijaf
konkelfoesenbedisselen
koomandeer' norders geven
koppijnhoofdpijn
kornissedakgoot
krèmijs, roomijs, schepijs
krèmpappudding
krettenaanporren
krevéér' nsterven
krevérendoodwerken
kriminéélovermatig, heel veel, sterk
kriminéélstomdronken
kroanekraan (werktuig)
krokmaddamtoast met ham, kaas en ei
krokmesjeutoast met ham en kaas
kruimken uithet beste
kurieusnieuwsgierig
kurtewagnkruiwagen
kuurieusnieuwsgierig
kuurieuse, kuurieuzeneuze, kuurieuzeneuzemosterdpotnieuwsgierige

L

lakietgeheid
laweitlawaai
leekersverfuitlopers
leerladder
leizenlaarzen
leufrapen (dierenvoeding)
leugeneerleugenaar
leuteplezier
leverscheetsenbraaf, zacht kind
liberoalliberaal
liënliegen
liëns (mv.) taille
lijvekenonderhemd
lochtinggroententuin
lochtinkmoestuin
lodder' nwrikken, losmaken
lodderdezeaugelatine
loederopgeschoten jongen, deugniet
loezeborst
loezegrielBH voor grote omvang
loezegriel / loezekabaBH
lollegrap, mop
luchtlicht
luchtenverkeerslichten
lulukaordbeste vriend (aanspreking)
lutsenschudden
lutsepoepkenteer of simpel iemand

M

mamaar
malkmelk
mallekanderelkaar
maorbelsknikkers
marbelknikker
mazoethuisbrandolie
meemet
meedatdoordat
meesterleraar
meetmeter
melkdestelspaardenbloemen
mèndermuskusrat
menneoprit (gemeenschappelijk) wei- of akkerland
mennegoatoprit naar akker of weide
merlmerel
messinkmestvaalt
messink, mesbogtmesthoop
metekindkind waarvan men meter is
metsermetselaar
meuwlnemolen, windmolen
miezelaënboom of struik met sappige kleine pruimen of mirabellen
mijnen boasmijn vrouw
Mijnen bruinen kan da nie trekk'nDat kan ik niet betalen
miljaardeverdikke
minkijzervogelklem
misjoalkerkboek
moamaar
moa joon'tse togmaar jongen toch
moakngmaken
moandmaand
moand'nmaanden
moanemaan
moat-sjuhvriend
moederemoeder
MoestafaTurk, vreemdeling
moiversknikkers
muggelen – muuëlen – mue’lenslenteren, dralen, uitstellen
muilentongen (zoenen met tong)
muilentongzoenen
muldenermeikever
mulderemeikever
mutsemuts
muttekoe die nog maar 1 keer kalfde
mùùëlenslenteren
muurtelmortelspecie

N

n' amerhamer
n'astrant' nonbeschaamde vlegel
n'n djoelbraaf manneke
n'n snelzeekereopen broek
n'n treizgierige man
n' n redikuul of kabbaboodschappentas
nagelspijker
ne knipperegek / zot, een
ne scheven geev'nbits antwoord geven
ne scheven krijg'nbits antwoord krijgen
neënenegen (telwoord)
NefferstNaast
nen boanink struuteen baal stro
nen iemmereeen emmer
nen mi-sezoenkorte regenjas (mannen)
nen scholdoekvaatdoek
nestelsveters
neudnzeuren, zagen
neusdoekzakdoek
neut'nzagen
neuzeneus
nieniet
nie te guel zuiverecriminele
nietniets
nievers, nieveransnergens
noarnaar
noenmiddag
noenspeelpauze na het middagmaal
noesschuin
nonnezuster, non
nonnevleesniet in een man geïnteresseerd
noteirnotaris

O

oajou
oaën bek in oa pluimm ààëner het zwijgen toe doen
oaën pree mee oa ellebòën keuën oproabmgeen fooi krijgen
oalkerdeelbeerkuip
oardigeigenaardig
oavendavond
ob sein huksk' nhurken
odezjavelbleekwater
oegst binnendoenoogst binnenhalen
oenderskippen
oeveelhoeveel
okkerdjassepotverdorie
olachterwerk, gat
OllanderNederlander
OllantNederland
omdaomdat
onkootsoneffen
onkuetsoneffen
op de krebbe (keuën) bijdnniets krijgen
op oa struet zidnuitgeput
opgetutert gelijk ne rààën andzjuunopgemaakt zonder smaak
oskeals ik
osseos
ottoauto
ottotsauto's
ouksterekster
overendeoverhoop

P

paltowinterjas (vrouw)
pannebraadpan
panneschijdersduiven van minderwaardig ras, die niet uitvliegen
papbehanglijm
pardesuwinterjas (man)
pastrpastoor
peerdpaard
peetpeter
peirdpaard
peirdenuugspiegelei
peirdeplotterpaardenliefhebber
peirdestrontpaardenstront
peirdewurklezagevent
pellekesroos, in het haar
perleveevalpartij
persènerolluik
petieklinboedel, zaken
pielebatterij
pieleke hepselapje, schijfje ham
piellampe, pielluchtzaklantaarn
piepkeduikverstoppertje (spel)
pierijneonhandelbaar, zeer vervelend iemand
piesblommepaardenbloem
pieskeisemeisje (volks)
pieskousemeisje
pillekes-sesse – pielekesseisesaus met stukjes spek in
pinkerswimpers
pinklucht, pinkerrichtingaanwijzer
pintjenpilsje
pirderunslehoornaar
pirssebeunstaakbonen
pissebeunstaakbonen
pistollerevolver
plak'nlijmen, kleven
plamurenpleisteren
plamuurselpleister
plankierstoep
plastieknen zakplastic zak
platienebraadpan
pletsklap, slag
plets'nregenen, gieten
pletsekopkaalkop
pletsenslaan
pleujplooi
PoasnPasen
poepbips
poepeloereladderzat
poepkenbipsje
poerfut
pombakwastafel
pompafbekaf, uitgeput
porte-plumevulpen
portjèreportier (auto)
portret trek'nfotograferen
portrettentrekkerfototoestel
postuurkunbeeldje (porselein)
pretengse, sjie-sjiepretentie
preudevagina
preutmastelleklaagster
pruimewijf
pruimeleerpruimelaar
prutkoffiedik
prutsevengtprutsvent, prutser
pruukepruik
pudderingheprutswerk
puijkikker
pulleveldfles
pulledrinkbus
putafgedekte hoop maïs

R

radiateurradiator
raperaap
ratterat
raänrauw
rebberib
rekkerelastiekje
remorqueaanhangwagen
ressortspringveer
retouchkeverstelwerk (textiel)
reummetiesreuma
revetklinknagel
rijberijp
rijkoardrijkaard
roeëngooien
roesesoelosbol
ronddzjollenronddwalen
rondellekemoerplaatje, rondeeltje
rosthoogblond
roste, de rostenhoogblonde, de...
rostjenkoperen eurocent
rudevleujstroomstraat
ruizeruzie
ruudrood
RuusRus

S

sallamiwapenstok, lichtgevend van politie
saluutot ziens
santwies, santwiez' nsandwich, sandwiches
sarlewietkwant, snuiter
sarreuteernstig persoon
schabbeschap, rek
schancegeluk, bof, mazzel
schaproaiingemaakte kast
schartnkrabben
schaujbang
scheeldeksel
schelleschil
scheut zednop weg helpen
scheute geev'nhelling geven voor optimale waterafloop
schïenscheiden
schietseschichtig, onrustig
schirlewiepwijdbeens
schoeffelenlachen als tienermeisjes
schreemenwenen, schreien
schuifel' nfluiten
schuimreprofiteur
schune klapp'ngoed praten
schune stoanderkesjongemeisjesborsten
schuppeschop
schuppe afkuis'narbeid stoppen en vertrekken
schuuëne woordenmooie woorden
schuuënstebeste
sebietonmiddellijk
sesse -seisesaus
sinemabioscoop
sinteleujsintelooi
siske-klim-ophemelvaart
siternetank (voor vloeistof)
sjampetterbazige echtgenote
sjampetterveldwachter
sjatoo de la pompwater
sjeleijam
sjenuiverjenever
sjiesjiemadampretentieuze vrouw
sjikeemadampretentieuze welgestelde vrouw
sjoekroetzuurkool
sjokoochocoladepasta
sjokoomalkchocolademelk
slaonslaan
slaopelgaan slapen
SleineSleidinge
slet, oereprostituee
sletspantoffel
sleutersleutel
slierenglijden
sloap'nslapen
slunzekesschelperwten
smedderpïrsebonenstaak
smeirlabbereideugenieterij
smesssmidse
smoelgriesmeel
smorenroken
snelle bezemooi meisje
snoarngluren, nieuwsgierig kijken
snoddevoddezakdoek
snoebawnvruchten van het zaad van aardappelplant
snokelektrische schok
snokelektriciteit
snokkensnakken
snokkenrukken
soarsedeken
soarzedeken
soe-papventiel
soepkiek' nstommerik
soepkiekenonnozelaar
sommegte, sommegstesommige
sompigzompig
sopsap
sossocialist
sotgek
soutjeinBH
SpanjoardSpanjaard
speculoasspeculaas
spekkesnoepje
sperrespar
spetgeeterap iemand
spetgeetemoeilijke vrouw
spetgeeteiemand die heel rap is
spiegeloogpsycholoog
spiekel' nspuwen
spiekelbakspuwbak
spïentsjuetspeenvarken
spieringvarkenslapje van het schouderstuk
spiëtdruk op waterleiding
spiëtbruis, prik
spouwenbraken, overgeven
spouwenkotsen
spouwenspuwen
stallingestal
stamenecafe
steeg van afgoangierig
steirtstaart
steirtjesgeldspeelgeld dat de koopman gaf aan de kinderen van de boer na de koop van een beest
stek'lverk'negel
stekske, solferlucifer
stielo - bierobalpen
stiffelshoge schoenen
stillestil
stoanstaan
stoasestatie, station
stoefbluf, snoeverij
stoofkachel
storsrolluik, rolgordijn
stratierbastaardhond
streep trekkenlijn tekenen
stremeinevergiet
stresskiek'nzenuwpees
stroatestraat
stroatvoarharde borstel met baleinen om de straat te vegen
strontuitwerpselen
stroomènevergiet
strüétstro
stuik' nvallen
stuudeboterham
subietmeteen
subietterstond
superettezelfbedieningszaakje
suurtoevooral

T

t' es in gangdier in arbeid
t'es gien avanshet baat niet
tabboartnachtkleed
taboardslaapkleed
tantiesttandarts
taoletaal
teekworm
teekntèrtre – tekentertreuitpluizer; iemand die overdreven voorzichtig handelt
teken lutsen - teken lodderenmet een riek de aardwormen uit de grond lokken
teken lutsen - teken lodderenwormen met een riek in het gras uit de grond lokken
telefoonkotsjetelefooncel
televiezeTV
temberpostzegel
teuderwirkprecisiewerk
teutefopspeen
teutepunt
tfiervuur
thuebe brisslenineen knutselen
tienetien (telwoord)
tinsenplagen
tinsensarren, jennen
tiretterits
tjeefchrislijke
tjeut – tseut – tsjuetzwijn
tjoekentreinkindertrein
tjolendolen, rondzwerven
toakengeraakt worden
toerijendichtploegen
toernéérondje in het café
toespelleveiligheidsspeld
toestuik' nbinnenvallen
toevijs' ndichtschroeven
togtoch
tongsdan, toen
totdatotdat
totentrekkerplantrekker
tottegelaat
tottegezicht
tottemond
tottenzoenen
toukenaanraken
tracteurtractor
tramultììëtumult, drukte
tramuntelingherrie, lawaai
trasseondeugend meisje
trekzakaccordeon
triepk' nreepje, stukje, flard
tscholleschool, de school
tschottelhuis, tschottelkotbijkeuken
tschuunnageboorte (dier)
tseventig, tsjeventigzeventig
tsindiecoatvakbond
tsjeefkatholiek
tsjeef, n' en...katholiek, een...
tsjuukaarden knikker
tsottekotgekkenhuis
tspeenaambeien hebben
tubebinnenband fiets
tuchtigbronstig (dier)
tuenentonen
tuide / kalledom meisje
tuimelpertevalpartij
tuürnsletsengympantoffels
twietwee (telwoord)
twieduusttweeduizend
twolvetwaalf (telwoord)

U

uitgesput en ènheeft gevonden
uitkappen, dzjakkenuitgieten
uitkuisenschoonmaken
uitvijzenuitschroeven
ulder (stuude) hun (boterham)
uuftlakkekopvlees

V

valvalluik, valdeur
van essen tendevan begin tot einde
Van katoen geev'nKracht achter zetten
van tien neënewaarschijnlijk
vandoen hebbennodig hebben
vaneig'n, vaneig'nsnatuurlijk, dat spreekt vanzelf
vaneigen, vaneiges, vaneigestnatuurlijk, dat spreekt vanzelf
vangengetikt zijn, niet goed wijs zijn
vansegelijkehetzelfde (als terugbegroeting)
vantijdsoms
vanzelfsvanzelf
vapeuropvlieger
varissenspataderen
vedetteleukste in huis
veetrieneirveearts
veirk' nvarken
veirkenvarken
veirzeéénjarig kalf
vèllegveilig
velofiets
velo, brèl, brèwlbril
vendiesseverkoop
ventezel gecastreerd
ventman
verdapperensneller gaan, feller worden
verdestleweertonherstelbaar
verdwoaldn passagierpassant
verklut' nverknoeien
verkoarpelddoornat van de regen
verleë wekevorige week
verrever
Versmoddalsenlos iemand
versnoddalsenkapot maken, kapot prutsen
verteir' nverteren, uitgeven
vezel' nfluisteren
vierevier (telwoord)
viesplatineescontactpunten
vigbig
vijvevijf (telwoord)
vinderevinder
vitesseversnelling
vitrineuitstalraam
vleurinkvlerk
vloanvla
voadervader
voituurkinderwagen
vol, z' eis-folzwanger, ze is zwanger
volgenstvolgens
voutemansarde
vrechtmassa
vrèèën da 't hoar deur oa mutse komtheel straf vrijen
vroanvragen
vroeërevroeger
vuervoor
vuilbakzak restafval
vunnendennenaalden
vurtenrotten

W

weeëlinkweg
weereweer, opnieuw
weezngezicht
weirehaag
wepswesp
wetgeviiëwetgeving
weunsdagoavendwoensdagavond
weversosseharing
wietlawoainietsnut
wijwuldre
wijfvrouw
wildfantwildebras
wittenblondekop
woar è gè ziëre?waar kan ik u mee van dienst zijn?
wulderwij

Z

zaag' nzeuren, zaniken
zandjeheiligenprentje, bidprentje
zaugezeurkous
zaugevengtzeurpiet
zij
zeekenplassen
zeeltouw
zemelszenuwen
zemenvleien
zeresnel, vlug
zessezes (telwoord)
zeugvarken (vrouwelijk)
zeunezoon
zeur'nvals spelen, spieken
zeurnvalsspelen
zevenezeven (telwoord)
zeverenlullen, zwetsen
zietzievanzelfsprekend
zijzuldre
zijnen stal geriekenzich haasten, spoeden
zijtbent
zjandarmbazige vrouw
zjandarmrijkswachter
zjetongpenning, muntje
zjiëke-natdoornat van de regen
zjileevest
zjilettekescheermesje
zochtegaar
zommerezomer
zommerveulevlinder
zonagordelroos
zonnezon
zopketelekeelstuk (gekookt)
zuldezul je, zult ge
zulderzij (mv.)
zulledrempel
zwelgenslikken
zwoantsesmotorpolitie

1 opmerkingen

  1. komiezenhespe > De komiezen (grensbewakers) adden lekkerkoeke omda ze nie genoeg verdiendegen vuer veirkenshespe.